De commissie bekeek op verzoek van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) of de milieueffecten van de luchthaven goed in kaart zijn gebracht. Dat in kaart brengen was nodig, omdat IenW een besluit moet nemen over het aantal vluchten dat Schiphol jaarlijks wettelijk mag afhandelen. Het ministerie wil dat aantal vastleggen op 478.000.

De plannen van het ministerie leidden tot een zogenoemde milieueffectrapportage (MER). Maar de MER, die begin dit jaar werd gepubliceerd, geeft volgens de commissie ‘niet de informatie die nodig is om het belang van de omgeving en het milieu goed mee te kunnen wegen’ bij het nemen van een besluit.

Te veel ruimte

De gekozen aanpak ‘geeft veel ruimte aan de luchtvaart’, schrijft de commissie, en ‘laat niet zien dat omwonenden voldoende worden beschermd’. De gekozen uitgangspunten maken dat de gevolgen van een Schiphol met 478.000 vluchten op jaarbasis ‘kleiner lijken dan ze in werkelijkheid zijn’.

Dit komt omdat het aantal vluchten niet vergeleken is met ‘de huidige situatie’ van Schiphol, dat in kalenderjaar 2024 473.803 vluchten afhandelde, maar met het ‘huidig toegestane gebruik’, van 500.000 vluchten. Omdat 478.000 vluchten minder zijn dan 500.000, lijken omgeving en milieu door het besluit van IenW beter af te zijn.

Maar die 500.000 vluchten op jaarbasis zijn volgens de commissie ‘geen verkregen recht’ en ze hebben daarmee ook ‘geen juridische status’. Als gekeken wordt naar de legale situatie, dan is het uitgangspunt 294.000 vluchten op jaarbasis. En dat betekent dat er wél sprake is van milieueffecten als besloten wordt om voortaan jaarlijks 478.000 vluchten toe te staan.

Streng gekozen

Over de bijna 300.000 vluchten die het legale uitgangspunt vormen merkt de commissie op dat dit aantal ‘streng gekozen’ lijkt. De legale situatie is gebaseerd op het Luchthavenverkeersbesluit (LVB) uit 2008; latere LVB’s hielden geen stand bij de rechter. In het LVB zelf is geen maximum aantal vliegbewegingen vastgelegd, maar alleen grenswaarden voor geluidsbelasting. Daardoor zou er – in theorie – ruimte kunnen zijn voor meer vluchten.

Uit latere onderzoeken in opdracht van IenW rolden bijvoorbeeld aantallen tot 465.000 vliegtuigbewegingen. Maar ook deze zijn lager dan IenW nu wettelijk vast wil leggen, met als gevolg dat een besluit hierover effecten met zich meebrengt voor de omgeving van Schiphol en het milieu.

Alles bij elkaar opgeteld vindt de commissie de aard en de omvang van de tekortkomingen in deze MER van dien aard dat het adviseert om maar een heel nieuwe versie op te laten stellen, in plaats van de huidige aan te vullen. De commissie beveelt IenW aan om daarbij ook te kijken naar een (gedeeltelijke) nachtsluiting van Schiphol en de zogenoemde Alders-paradox.

Alders-paradox

Met dit laatste wordt verwezen naar het fenomeen dat stillere vliegtuigen niet altijd leiden tot minder geluidshinder voor omwonenden, maar juist tot een toename. Dat is omdat door stillere toestellen méér vliegbewegingen mogelijk worden voordat geluidsplafonds worden doorbroken.

Het advies van de commissie is niet bindend. IenW kan de aanbevelingen dus naast zich neerleggen en besluiten tot de wettelijke verankering van het aantal van 478.000. Maar het advies zal naar verwachting wel een rol gaan spelen in het politieke en publieke debat over Schiphol. Een eerste commissiedebat sinds de verkiezingen staat op 19 mei gepland.

Wat levert het op als Nederlanders minder vaak vliegen naar hun vakantieadres? Dan kunnen er meer huizen worden gebouwd, zie je in deze video: