NOS Nieuws•vandaag, 20:17
Klimaatverandering moet in Europa worden behandeld als internationale noodsituatie voor de volksgezondheid. Dat stelt een speciale commissie die is opgezet door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).
De commissie beschrijft klimaatverandering als “een catastrofale dreiging voor de volksgezondheid, veiligheid en sociale stabiliteit” die vraagt om deze hoogste noodstatus die de WHO kent.
Landen worden opgeroepen te werken aan tal van maatregelen, waaronder het vrijmaken van geld, het verzorgen van voorlichting over de gezondheidsrisico’s van klimaatverandering en het opzetten van waarschuwingssystemen.
Verder moeten klimaatbestendigheid en duurzaamheid worden opgenomen in de opleiding van zorgprofessionals, adviseert de commissie, ook om de CO2-uitstoot van de zorg (in Nederland zo’n 7 procent(opent in nieuw venster) van de totale uitstoot) te verminderen.
Daarnaast adviseert de commissie klimaatverandering ook op de agenda te zetten bij organen die zich bezighouden met veiligheid. Daarbij zou het als veiligheidsdreiging moeten worden gezien. Alle ministeries die te maken hebben met kwesties die aan het klimaat raken, zouden daarbij betrokken moeten worden, schrijft de commissie.
Vroegtijdige sterfte
“De impact van klimaatverandering is heel groot”, zegt Ernst Kuipers, de oud-minister van Volksgezondheid die deel uitmaakte van de commissie die vandaag bij de WHO in Genève haar bevindingen presenteerde. “Zo groot dat er eigenlijk geen ontsnappen aan is. Dit gaat verder dan een hittegolf bij ons, in juli. Dit raakt iedereen en heeft grote gevolgen voor onze gezondheid.”
Zo beschrijft de commissie studies over vroegtijdige sterfte door klimaatverandering. “Dat zit bijvoorbeeld in vroeggeboortes, hartinfarcten en het risico op vormen van kanker, bijvoorbeeld longkanker door de hele fijne deeltjes die vrijkomen bij bosbranden en bij ons neerdalen”, zegt Kuipers. “Het raakt niet alleen kwetsbare groepen. Ook gezonde mensen worden hiermee geconfronteerd.”
Verder wijst hij erop dat extreme weerseffecten invloed hebben op migratie. “En dus ook de verspreiding van infectieziekten en antimicrobiële resistentie. Daar merken we allemaal wat van.”
Het rapport haalt onder meer een studie aan die concludeerde dat er in 2024 zo’n 63.000 overlijdens zijn vastgesteld als gevolg van hitte in Europa. Een ander eerder onderzoek zag een verband tussen klimaatverandering en een groot deel van de hittedoden in de zomer van 2025. Ook wijst het rapport op onderzoeken naar de impact op voedselzekerheid in Europa, en het risico op verspreiding van infectieziekten door muggen.
Corona
Kuipers, die tijdens de coronacrisis minister was in het kabinet-Rutte IV, vergelijkt de te nemen stappen met de “pandemische paraatheid” waar hij destijds geld voor vrijmaakte. “Dat kun je nu misschien beter vertalen als crisisparaatheid. Je hebt monitoringssystemen nodig en vroege alerts. En je moet systemen hebben waarmee je regionaal en nationaal kunt opschalen in de zorg als dat nodig is.”
Nu optreden leidt volgens de commissie tot voordelen op de korte en lange termijn, waaronder schonere lucht, gezonder eten, veiligere infrastructuur en lagere kosten voor gezondheidszorg. “We moeten onze middelen verplaatsen naar preventie, een schone leefomgeving en weerbare systemen”, schrijft de commissie.
Noodsituatie
In Nederland wordt de boodschap van Kuipers en zijn collega’s in ieder geval onderschreven door de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS). Dat adviesorgaan waarschuwde(opent in nieuw venster) vorig jaar ook al voor de gezondheidsrisico’s van klimaatverandering. “De urgentie die uit dit rapport spreekt, sluit naadloos aan bij onze eigen bevindingen”, reageert RVS-voorzitter Jet Bussemaker.
De onafhankelijke commissie waar Kuipers onderdeel van uitmaakte werd ruim een jaar geleden in het leven geroepen door de Europese tak van de WHO. Sindsdien spraken hij en zijn collega’s met wetenschappers, politici, zorgprofessionals en het maatschappelijk middenveld in een aantal openbare hoorzittingen. Daaruit is dit advies voortgevloeid. Landen en de WHO kunnen de oproepen van de commissie naast zich neerleggen.