Als de weg over de berghelling een bocht naar rechts maakt, weet je even niet wat je ziet. Een seconde later dringt het besef in de auto door: voor de ogen ontvouwt zich het geopolitieke brandpunt van dit moment tegen een achtergrond van in lichte nevel gehulde bergen: de Straat van Hormuz.
Beneden in een baai liggen tientallen kleine vrachtschepen verspreid voor anker bij de havenstad Khasab, op het noordelijkste punt van Oman dat als een vinger de cruciale zeestraat inprikt. De havenstad ligt hemelsbreed op ongeveer zestig kilometer van Iran. De kleine vrachtschepen kunnen geen kant op. Ze wachten tot ze veilig de Straat van Hormuz op kunnen om naar de Verenigde Arabische Emiraten te varen, of naar de overkant, naar Iran.
Tussen de wachtende schepen scheuren de vissers met hun motorboten, die een wit spoor trekken in het azuurblauwe water. De vis komt nog wel van de Straat van Hormuz. Bij de visafslag in Khasab tillen mannen de vissen in gele kratten vanuit een motorboot de kade op, wegen ze hun vangst en bedelven die daarna onder ijs, terwijl de zon meedogenloos brandt. Het is begin mei, 37 graden, het hitteseizoen is begonnen en de oorlog grijpt om zich heen.
Ondanks een huidig staakt-het-vuren houden de ontwikkelingen in de Straat van Hormuz de wereld, de scheepvaart en de inwoners van Khasab in hun greep. De waterweg vormt een cruciale doorgang voor olietankers van de Perzische Golf naar de Indische Oceaan. Ongeveer 20 procent van de wereldwijde oliehandel verloopt via de zeestraat, waar ook vrachtschepen gebruik van maken. Maar sinds de Amerikaans-Israëlische oorlog tegen Iran is het scheepvaartverkeer tot een minimum gedaald.
De Verenigde Staten en Iran bevechten elkaar in de Straat van Hormuz, waardoor geen schip is verzekerd van een veilige doorgang en de olieprijzen sinds februari ruim 60 procent zijn gestegen. Iran dreigt met aanvallen op schepen die door de waterweg varen. Eind april meldde de International Maritime Organisation dat er 29 aanvallen waren geweest op schepen in de Perzische Golf en de Straat van Hormuz. Twintigduizend zeevarenden zitten vast op zestienhonderd schepen in de Perzische Golf.
Tegelijkertijd blokkeren de Verenigde Staten schepen die proberen Iraanse havens te verlaten of binnen te varen. De Amerikaanse marine meldde dit weekend dat ze daarom 78 commerciële schepen heeft omgeleid en vier schepen „onklaar heeft gemaakt”.
De spanningen op het water contrasteren met de beeldschone route naar Khasab. Vanaf de grens met de Verenigde Arabische Emiraten slingert de weg met uitzicht over de Perzische Golf langs rotsachtige kliffen zonder begroeiing, verstilde dorpen met zandkleurige huisjes, moskeeën en lege strandjes. Turend over het azuurblauwe water is aan de horizon een schip te zien.
Vooralsnog is Khasab, de hoofdstad van de provincie Musandam, niet getroffen door een Iraanse aanval. Wel werd in maart boven het stadje, waarvan het bevolkingsaantal schommelt rond de twintigduizend inwoners, een drone neergehaald. Maar de gevolgen van de oorlog laten zich duidelijk zien. Het geïsoleerde stadje ligt in een exclave, gescheiden van Oman en omringd door de Verenigde Arabische Emiraten. De inwoners leven van toerisme en visserij.

Zoom in

Zoom in
De route naar Khasab en de Straat van Hormuz.
Foto’s NRC
Oman wil stabiliteit
In de haven naast de aangemeerde vissersboten liggen vrijwel alle dhowboten, traditioneel houten schepen met een zeil, werkloos te dobberen. Onder een sterke vislucht hangen bemanningsleden in de schaduw loom op het dek. Toeristen blijven weg vanwege de hitte en de oorlog. Enkelen laten zich deze dag toch zien en stappen op een dhowboot om de fjorden en dolfijnen aan de kust van Oman te zien. Een Italiaanse toerist hangt wat rond tot hij een mooie prijs kan afspreken voor een overtocht naar Kuzmar, een Omaans dorp dat alleen per boot te bereiken is. Hij is juist nu benieuwd naar de Straat van Hormuz.
De Italiaan weigert een interview te geven. Hij heeft net als anderen die de noordelijke grensovergang tussen Oman en de Verenigde Arabische Emiraten passeren, een verklaring ondertekend dat hij als toerist Oman bezoekt. Het is niet toegestaan om als journalist te werken en foto’s en video’s te maken en publiceren.
De Omaanse autoriteiten treden strikter op, nadat internationale journalisten reportages hadden gemaakt over de Straat van Hormuz vanuit Khasab. „Het is oorlog”, antwoordt een douanemedewerker op de vraag waar de verklaring voor nodig is. Elke snipper aan informatie kan Iran wijzer maker over doelwitten in Oman.
Lees ook
Rond de Perzische Golf geldt al eeuwen: wie de Straat van Hormuz beheerst, beheerst de regio

Tegen wil en dank is Oman direct betrokken bij de oorlog. Als reactie op de Amerikaans-Israëlische aanvallen eind februari viel Iran Oman diverse keren aan. Terwijl het land zich juist graag opstelt als bemiddelaar tussen Teheran en Washington. Liggend aan de Straat van Hormuz heeft Oman baat bij stabiliteit. Voordat de oorlog begon, spraken de VS en Iran in de hoofdstad Muscat met elkaar over het Iraanse nucleaire programma.
Bij de visafslag in Khasab zwijgen drie vissers liever dan dat ze praten. Ze zitten in de schaduw bij een eethuisje en kijken wantrouwend naar de buitenlandse journalist. Ze vrezen een bezoek van de politie als ze tijdens de oorlog met de media praten. Oman staat 127ste op de Press Freedom Index, een ranglijst van landen op basis van persvrijheid.
Het is gevaarlijk op de Straat van Hormuz, dat is ongeveer het enige wat ze kwijt willen. Volgens Iraanse staatsmedia hebben Amerikaanse troepen begin deze maand „twee kleine vrachtschepen met burgers aan boord aangevallen en beschoten”. De schepen voeren van Khasab richting Iran. De VS hebben deze aanval niet bevestigd. Naast dat Teheran dreigt met aanvallen op boten, zouden in de zeestraat Iraanse mijnen liggen.
Een oplossing om de waterweg te heropenen dient zich niet aan. Vorige week zei de Iraanse minister van Buitenlandse Zaken, Abbas Araghchi, tijdens een bijeenkomst in India: „De Straat van Hormuz is open en alle schepen kunnen erdoorheen varen, behalve de schepen van de landen die in oorlog zijn met Iran.” Dit weekend kondigde Teheran aan dat het met een plan komt om het verkeer door de Straat van Hormuz te reguleren, inclusief het heffen van tol. Frankrijk en Groot-Brittannië hebben aangegeven dat ze een „multinationale coalitie” smeden, met daarin Nederland, om de veilige doorgang voor schepen in de zeestraat te garanderen zodra het conflict voorbij is.

In de haven naast de aangemeerde vissersboten liggen dhowboten, traditioneel houten schepen met een zeil, werkloos te dobberen.
fOTO NRC
Zoom in
‘Kleine en grote problemen’
De oorlog en de zon slaan al het leven uit het stoffige centrum van Khasab. Weinig mensen laten zich zien op straat. Marktkoopmannen zitten slaperig achter hun waar onder een afdak. De inwoners blijven vooral binnen om te ontsnappen aan de hitte. En dan moeten juli en augustus nog komen, als de temperatuur hier oploopt tot boven de 40 graden.
Toeristen vertonen zich niet. Het plaatselijke vliegveld wordt vanwege de oorlog niet gebruikt. In betere tijden legden cruiseschepen aan en kwamen toeristen met de auto vanuit de Verenigde Arabische Emiraten. Op de dhowboten kun je overnachten op zee, onder de sterrenhemel.
Bij een lokaal restaurant druppelen rond lunchtijd enkele gasten binnen. Khasab was altijd zo’n ontspannen plek, vertelt de accountant van het restaurant Najmudheen Variyathodi (39), terwijl hij opkijkt van zijn laptop. „Nooit haast, nooit stress.” En nu heerst er oorlog.
„Hier heb je kleine problemen”, zegt de olijke ober Shehin Majeed relativerend. „Daar”, en hij knikt met zijn hoofd richting de Straat van Hormuz, „heb je grote problemen”. De obers hebben het druk gekregen en lopen de keuken in en uit. Variyathodi springt bij voor de mensen die hun eten komen afhalen.
Het is wachten tot alles voorbij is, zegt de accountant als de korte drukte weer is afgelopen. „In Khasab ligt de economie plat”, vult Majeed (26) aan. „Iedereen wacht op betere tijden.”
Een tweede ober, de 27-jarige Mamun Islam, komt erbij staan. „We zijn hiernaartoe gekomen om geld te verdienen om op te sturen naar onze familie thuis”, vertelt hij bezorgd. Hij vreest dat zijn inkomsten opdrogen als toeristen wegblijven. Hij komt uit Bangladesh, Majeed en Variyathodi uit India.
„Dit is niet goed voor de mensen hier”, verzucht Majeed. „Ik bid dat deze situatie binnen drie tot vier maanden voorbij is.”

Jongens gooien steentjes in het water van de Straat van Hormuz in Khasab, in maart 2026.
Foto Ismaeel Naar/The New York Times
Zoom in
Geef cadeau
Deel
Mail de redactie