In Nederland wordt elke acht dagen een vrouw vermoord, blijkt uit cijfers van het CBS. Bij ongeveer de helft van de slachtoffers is de (vermoedelijke) dader een (ex-)partner. Het tegengaan van femicide, ofwel vrouwenmoord, is een prioriteit van minister David van Weel (Justitie en Veiligheid). Vandaag gaat hij op werkbezoek naar Breda om hierover te praten, onder andere met de politie en een ervaringsdeskundige.
Clare’s Law bestaat sinds 2014 in het Verenigd Koninkrijk. De wet is vernoemd naar Clare Wood, een Britse vrouw die in 2009 werd vermoord door haar partner. Voordat hij de femicide pleegde, had hij al een geschiedenis van geweld. De politie wist dat wel, maar Clare niet.
Aan femicide gaat vaak geweld of een patroon van intieme terreur vooraf. Dat is een ernstige vorm van huiselijk geweld waarbij een partner via een structureel patroon van dwang, dreiging, controle en psychisch geweld macht uitoefent over het leven van de ander.
Clare’s Law regelt het recht op informatie over gewelddadige partners. Mensen kunnen bij de politie navragen of een partner of ex-partner een verleden heeft van huiselijk geweld of misbruik. Volgens Nederlandse politici die er voorstander van zijn, kan het levens redden.
Kritiek
Toch staan Nederlandse deskundigen niet zo positief tegenover Clare’s Law. Dat komt omdat in Nederland het meeste huiselijk geweld volgens hen niet wordt geregistreerd. “Een ‘schoon’ verleden geeft dus geen garantie en kan zelfs leiden tot schijnveiligheid”, deelt Marieke Liem, hoogleraar Veiligheid en Interventies aan de Universiteit Leiden.
Advocaat familierecht Ingrid Vledder sluit zich daarbij aan: “Het geeft toekomstige slachtoffers een onterecht gevoel van veiligheid. Het merendeel van de plegers van intieme terreur heeft namelijk geen strafblad.” Dat komt onder andere omdat het voor slachtoffers moeilijk is om aangifte te doen.
Geen aangiften
“Slachtoffers kunnen zich schamen, ze kunnen bang zijn voor de dader en er zijn ook slachtoffers die het gevoel hebben, bijvoorbeeld door instanties, dat hun zaak niet kansrijk is. Dat gebeurt bijvoorbeeld als er een gebrek aan bewijs is”, zegt Janine Janssen, lector geweld in afhankelijkheidsrelaties en hoogleraar criminologie en rechtsantropologie.
Vledder: “Er zijn vrouwen die aangifte willen doen, maar bij wie de intimidaties worden weggewuifd of worden afgedaan als relationele problemen”, zegt Vledder. “Zeker als er kinderen in het spel zijn, wordt een aangifte als polariserend gezien.”
Vledder voegt toe dat het gedrag dat binnen intieme terreur wordt getoond, zoals controleren, isoleren en dwingen, vaak niet strafbaar is. Het is dan ook moeilijk om aan voldoende bewijs te komen. “Sommige slachtoffers zijn blij als hun partner hen fysiek bedreigt omdat ze dan iets concreets hadden om aangifte mee te doen, maar dan alsnog is het het woord van de een tegenover die van de ander.”
“Daarnaast kun je elke euro maar één keer uitgeven”, gaat ze door. “De politie kampt met een capaciteitstekort waardoor nu al veel aangiften op de plank blijven liggen, en dan komen deze informatieverzoeken er nog bij.” En zo’n informatieverzoek kost tijd, terwijl de situatie van vrouwen vaak vraagt om een acute aanpak.
Het ministerie van Justitie en Veiligheid laat weten dat het verkennende onderzoek naar de mogelijkheden om Clare’s Law ook in Nederland tot wet te maken nog bezig is. Waarschijnlijk komen deze week de eerste resultaten.
RTL Nieuws maakte eerder deze video over een blijf-van-mijn-lijfhuis. Daar zitten onder andere vrouwen die met partnergeweld te maken hebben: