De Tour de France werd zondag in etappe 15 stevig opgeschud. Vóór de start hoorden we Tadej Pogacar en Jonas Vingegaard al over een nachtelijke dopingcontrole, na de start viel de Visma-Deen uiteindelijk uit de Tour. De controle bracht een heuse discussie op gang, want gingen de Franse autoriteiten te ver? Oliver Naesen is in zijn analyse in ieder geval stellig.’We moeten dit serieus bekijken’, begint de Belgische renner zijn verhaal in de Wielerpodcast van HLN. Er zouden namelijk middelen zijn die maar drie uur in het bloed te zien zijn. ‘Dan kun je niet testen na de Plateau de Solaison, want waarom zou je het voor een rustdag nemen?’, countert Naesen meteen.
‘Je moet het controleren op een moment dat het van belang is, maar iemand gaat het ook niet om elf uur ’s avonds nemen’, is het vervolgargument. Die controle werd niet door de UCI gedaan, maar door de Franse dopingautoriteit. ‘Ik wil dat het liefst onprofessioneel noemen, en ook een beetje geldingsdrang noemen’, is de Belg stellig.
De Decathlon-renner denkt te weten waarnaar gezocht werd. ‘Ik hoor dat ze zoeken naar groeihormonen. Wie is daar ooit op gepakt? Het is voor het eerst dat ik nu hoor van een jacht op groeihormonen. Dat is iets wat vroeger niet te detecteerbaar was en in de ruige jaren gebruikt werd’, herinnert Naesen zich nog.
Lees verder onder de foto!
Naesen vraagt zich af waar de grens gelegd moet worden
Saillant detail: enkel Pogacar en Vingegaard werden ’s nachts uit hun bed gelicht. Paul Seixas werd bijvoorbeeld met rust gelaten. Waren de nachtelijke controles volgens Naesen ook gebeurd als Seixas niet in de Tour zat? ‘Dat is een goede vraag. Het is sowieso ergens niet eerlijk dat hij en ook Evenepoel die controles niet hebben gehad.’
Want, vindt de Belg: ‘Je moet ergens een grens gaan vinden, want je kunt niet doen dat het er allemaal maar bijhoort. Wat kun je een atleet aandoen?’ Naesen zelf maakte een nachtelijke controle in ieder geval nooit mee. ‘Ik weet dat er in het Sky-tijdperk sprake was van nachtelijke controles invoeren. Dat was toen een heel ding. Ik denk dat het toegelaten was, maar dat het nooit gebeurd is, volgens mij.’
Een dopingtest had Naesen vorige week nog. ‘Dat waren Belgen en heel respectvolle mensen. Het is gezellig aan tafel. Je drinkt samen een koffie en dan moet je 10 minuten zitten om je bloed af te laten nemen. Het is allemaal perfect oké, dat gaat er heel amicaal aan toe. Maar om twee uur ’s nachts?’
‘We zijn allemaal mensen’, gaat de routinier verder. ‘De vraag is: waar leggen we dan de grens? In hoeverre moeten we renners controleren op elk moment van de dag? Als er effectief dopingproducten zijn die er maar drie uur inzitten, dan is dat wel verleidelijk natuurlijk’, kan Naesen zich ergens ook wel weer voorstellen.
Lees verder onder de foto!
Naesen ziet valpartij Vingegaard niet lso van nachtelijke controleVolgens de regels zou een nachtelijke controle mogen bij verdenking van dopinggebruik. Is dat er in dit geval? ‘Totaal niet’, oordeelt de Belg. ‘En dit is op een bepaalde manier toch een insinuatie. Pogacar was ook niet blij, hè, maar zijn reactie is dat hij zijn koffie dan maar wat sterker heeft gezet. Hij doet of hij het allemaal wel chill vindt, omdat er natuurlijk verdachtmakingen zijn.’
‘Daar moet hij spijtig genoeg mee omgaan, ook met dat vervelende boegroep, van: dit kan niet zuiver zijn’, gaat Naesen nog altijd zo stellig verder. ‘Daarom durft hij niet echt iets te zeggen over die controle. Maar er moet ergens een grens gesteld worden, want dit gebeurt in geen enkele andere sport.’
Blijft natuurlijk altijd nog die vraag waar nooit een antwoord op zal komen: had de nachtelijke controle invloed op de uiteindelijk valpartij (en bijbehorende DNF) voor Vingegaard? ‘Je kunt dat niet rechtstreeks aan elkaar verbinden, maar je ka dit niet volledig loskoppelen’, sluit Naesen af.