De aanstelling van Mark van Bommel als nieuwe bondscoach van de Rode Duivels blijft onderwerp van gesprek. Vooral het feit dat de Nederlandse coach geen Frans spreekt, zorgt voor discussie, vooral in het Franstalige deel van België. Volgens Pieter-Jan Calcoen, hoofdredacteur sport van Het Nieuwsblad, is die kritiek overdreven.
Van Bommel zou van plan zijn om snel Frans te leren, maar volgens Calcoen was de keuze voor een Belgische trainer sowieso niet eenvoudig. “Er waren op dat moment niet zoveel keuzes”, klinkt het op RTBF. Calcoen wijst naar verschillende Belgische kandidaten, die om uiteenlopende redenen geen optie waren. “Hein Vanhaezebrouck zou lastig zijn geweest. Philippe Clement wil zijn club naar de Premier League brengen. Ze hebben met Pocognoli gesproken, maar hij is nogal jong en het was nog wat te vroeg voor hem. Vincent Kompany was simpelweg geen optie.”
Volgens Calcoen is de taaldiscussie bovendien niet helemaal logisch. “Ik hoor veel mensen zeggen dat Rudi Garcia ontslagen is omdat hij geen Nederlands sprak. Maar dat klopt niet. Hij werd aangesteld door dezelfde mensen die besloten om niet met hem verder te gaan. Het was twee jaar lang nooit een probleem.” Calcoen vindt het opvallend dat de taal van een bondscoach plots zo zwaar doorweegt. “In de Vlaamse pers wordt de taal van trainers belachelijk gemaakt. Hier spreekt de trainer veel meer Nederlands, maar dat zal nooit de eindresultaten beïnvloeden.”
Ook Van Bommel zegt zelf verrast te zijn door de omvang van de discussie. “Ik ben een beetje verbaasd over de ophef die er nu is”, klonk het, geciteerd door RTBF. Volgens Calcoen gaf uiteindelijk vooral het sportieve profiel van Van Bommel de doorslag. Zijn tactische duidelijkheid, ervaring op het hoogste niveau en manier van omgaan met spelers maakten hem de geschikte kandidaat.