De groei van het aantal fitnesscentra kan daarnaast niet los worden gezien van de groei van individuele sporters. SportDrenthe herkent dit beeld en ziet dus dat veel meer mensen kiezen voor een fitnesscentrum. “Mensen hebben meer behoefte aan flexibiliteit”, vertelt Jessica de Franco.
“Daarnaast zien wij ook steeds meer zzp’ers in de fitnesswereld. Dat wil zeggen dat fitnesscentra, ook van de grote ketens, mensen inhuren voor persoonlijke training. Want hier is gewoon veel vraag naar.”
Er is niet een specifieke groep die daar gebruik van maakt. “Persoonlijke training is niet echt leeftijdgebonden, wel is het natuurlijk iets voor goed verdienende mensen. Maar een stok achter de deur werkt voor iedereen hetzelfde.”
Het Mulier Instituut, een sociaalwetenschappelijk sportonderzoeksinstituut in Nederland, ziet dezelfde patronen als SportDrenthe.
“Fitness biedt natuurlijk een breed aanbod (cardio, krachttraining, verschillende groepslessen, red.) waarmee ze aan deze punten kunnen werken. De belangrijkste redenen om te fitnessen in een fitnesscentrum zijn veel verschillende apparaten, dichtbij huis, flexibele openingstijden, gevolgd door persoonlijke begeleiding die daar beschikbaar is”, laat Linda Ooms van het Mulier Instituut weten.”
Wel is er een keerzijde. “Er is een beweegnorm van de overheid en die is gesteld op 2,5 uur bewegen per week. Je zou denken dat het aantal mensen die dit doet stijgt, maar dit is niet het geval. Mensen gaan dus fitnessen in plaats van een andere sport.”
Een van de ondernemers die recent een klein fitnesscentrum gestart is, is Niek Timmer. Hij opent op 1 september een nieuwe persoonlijke training studio in Coevorden. “Eerder was ik actief als zzp’er bij de sportschool van mijn ouders, maar nu open ik echt een eigen locatie”, vertelt hij enthousiast.