Tijdens de overgang verandert er veel in het vrouwenlichaam. Dat kun je onder meer merken aan de bekende opvliegers, stemmingswisselingen of sombere gevoelens. Minder bekend is dat deze levensfase ook invloed heeft op de gezondheid van je hart- en bloedvaten.

Dat heeft vooral te maken met oestrogeen. Vóór de overgang helpt dit hormoon je hart- en vaatstelsel te beschermen, op verschillende manieren. Naarmate de oestrogeenspiegel daalt, neemt die natuurlijke bescherming geleidelijk af.

Een van de veranderingen zie je terug in de vetverdeling. Vóór de overgang slaan vrouwen vet gemiddeld vaker op onder de huid, bijvoorbeeld rond de heupen, benen en billen. Na de overgang verschuift een groter deel daarvan naar de buik. En juist buikvet hangt samen met een hoger risico op hart- en vaatziekten.

Luister nu de podcast Het Spreekuur
In de podcast Het Spreekuur beantwoorden Erik Scherder en Leonard Hofstra lezersvragen over gezond leven vanuit het hoofd en vanuit het hart. Zelf een vraag stellen? Mail naar hetspreekuur@quest.nl Luister hier de aflevering over de overgang

Ook de bloedvaten veranderen. Oestrogeen helpt de vaatwand soepel te houden en speelt een rol bij het cholesterol, de bloedsuiker en ontstekingsprocessen. Als de oestrogeenspiegel daalt, kan het LDL-cholesterol (het ‘slechte’ cholesterol) stijgen, kan de gevoeligheid voor insuline afnemen en kunnen ontstekingswaarden toenemen.

Samen zijn die veranderingen een giftige cocktail die gevaarlijk kan zijn voor je hart. Tot de overgang zijn vrouwen gemiddeld beter beschermd tegen hart- en vaatziekten, maar na de overgang lopen zij door de afname van oestrogeen zelfs meer risico dan mannen. Juist daarom is het belangrijk om in deze levensfase extra aandacht te hebben voor je hartgezondheid.

Niet omdat iedere vrouw automatisch een hoog risico loopt, maar wel omdat het risicoprofiel verandert, zoals we dat noemen. Bovendien lijken sommige signalen van hartproblemen verrassend veel op overgangsklachten. Vermoeidheid, hartkloppingen, zweten of benauwdheid worden daardoor soms aan de overgang toegeschreven, terwijl er meer aan de hand kan zijn.

Het goede nieuws: je kunt zelf veel doen om je hart gezond te houden. Regelmatig bewegen, gezond eten, niet roken, voldoende slapen en een gezond gewicht blijven de belangrijkste bouwstenen. Hoe gezonder je de overgang ingaat, hoe beter je lichaam is voorbereid op de veranderingen die daarbij horen.

Ook interessant: Erik Scherder over de overgang: ‘Samenwerking in je brein raakt uit balans’

Ben je op dit moment al in de overgang? Dan kan het verstandig zijn om met je huisarts te bespreken of een controle van je bloeddruk, cholesterol en bloedsuiker zinvol is. Zo kunnen risicofactoren vroeg worden opgespoord.

Voor sommige vrouwen kan ook hormoontherapie een passende behandeling zijn, vooral wanneer die binnen tien jaar na de menopauze of vóór het zestigste levensjaar wordt gestart. Of dat in jouw situatie verstandig is, hangt af van je klachten, gezondheid en persoonlijke risico’s. Bespreek die afweging daarom altijd met je huisarts of specialist.

Nog een advies: houd overgangsklachten niet voor jezelf. De overgang speelt zich niet alleen af in je lichaam, maar ook in je dagelijks leven. Op het werk kunnen klachten als slecht slapen, concentratieproblemen of opvliegers het lastiger maken om goed te functioneren. Vrouwen verzuimen vaker dan mannen, mede door vrouwspecifieke gezondheidsproblemen zoals menstruatie- en overgangsklachten.

Gelukkig groeit de aandacht hiervoor, zowel op de werkvloer als daarbuiten. En dat is hard nodig: hoe eerder klachten worden herkend en serieus genomen, hoe sneller iemand de juiste ondersteuning kan krijgen. De overgang is een fase waarin je geest en lichaam om andere aandacht vragen. En het hart hoort daar nadrukkelijk bij.