© CPU – Sam De Boeck
Pukkelpop 2026 sloot zijn vierde en laatste dag af met een programma dat van ’s ochtends vroeg tot diep in de nacht weinig ruimte liet om te ademen. Zondag bood zoals elk jaar een gevarieerde mix van Belgische revelaties en internationale namen. Met TJE en RONKER die bewezen dat de thuisploeg meer dan zijn gewicht kan dragen, PLOEGENDIENST die de Backyard deed ontploffen op zijn laatste show met zijn vaste drummer, en ADÉLA die in de Wave bewees dat de Main Stage haar volgende logische stap is. Daartussenin was er ruimte voor Eefje de Visser, Denzel Curry en een Bazart dat zijn tienjarig bestaan vierde met historische doeken en een symfonisch orkest. En dan waren er nog de headliners: Sombr op de Main Stage voor wie de festivalzomer van 2026 onmiskenbaar van hen is geweest, Zara Larsson die de weide in extase bracht en Tyler, The Creator die het festival afsloot zoals alleen hij dat kan. Een dag om te onthouden, en een editie die voor ons lang zal nazinderen.
Iskander Moon @ Marquee
© CPU – Jitte Davidson
Op alweer de laatste dag van het festival mocht Iskander Moon de Marquee aftrappen. Terwijl komisch liefhebber de DIW Voormiddagsoirée kon bekoren, kon menig muziekliefhebber hier entertainment zoeken. Neem deze menig met een korreltje zout, want de festivalgangers vonden precies niet talrijk de weg naar de Marquee. Dit ondanks dat Iskander Moon een mooie set neerzette. Met debuutalbum Salt Moon City recent uitgebracht te hebben, was de artiest dan ook klaar een waardige show neer te zetten. Solo aan de piano, en met de gitaar in de hand en versterkt door de band kwam de muziek mooi binnen. Bij nummers als “Violet” kwam de energie wat door, maar de mooie melancholie van Iskander Moon bleef primeren met een sterke stem als leidraad. Dit zorgde ervoor dat wakker worden op een zachte manier ondersteund werd.
Iskander Moon staat dit najaar nog in Club Wintercircus (4 november), Het Depot (11 november) en Club AFF (19 november).
TJE @ Lift
© CPU – Sam De Boeck
TJE is het Belgische trio van Lindy Versyck op zang, Melvin Slabbinck op gitaar en Klaas Leyssen op bas, een band die met minimale middelen een grote impact nastreeft, ergens in het snijpunt van elektronische avant-pop, melancholische post-rock en experimentele geluiden. Hun debuut-EP IDOLS verscheen in 2023 en het debuutalbum volgde dit voorjaar, vergezeld van een releaseconcert in AB Club. Dat ze zondag op Pukkelpop stonden voor een tent die verrassend goed gevuld was, verrassender nog dan de afsluiter van de Lift de avond ervoor, zei genoeg over hoe snel de band een publiek heeft weten op te bouwen. Lindy Versyck heeft een fantastische stem die de set droeg, en de band was duidelijk tegelijk zenuwachtig en oprecht enthousiast om hier te staan, wat ze doorheen de set meermaals uitspraken. Dat het publiek bleef staan en luisteren was het beste antwoord dat ze konden krijgen.
TJE staat dit najaar nog in Het Depot (5 oktober), Trix (7 oktober), C-mine (24 oktober) en het Elysée in Oostende (4 november).
ILA @ Club
© CPU – Jitte Davidson
Pukkelpop vormt traditiegetrouw voor heel wat Belgische bands het startschot van een nieuwe cyclus. Het is dé kans om je als artiest in de kijker te spelen van de media en festivalboekers en in dat opzicht is er toch ook een zekere druk om te presteren aan verbonden. Coole kikker en Limburgse trots ILA had haar zenuwen tamelijk goed onder controle en straalde iets heel hard uit dat ze blij is om eindelijk weer met haar band op het podium te staan. Centraal stond haar nieuwe album Motherland, dat op 9 oktober verschijnt, en waarmee de Turks-Belgische artiest ook internationaal hoge ogen wil gooien. Tussen dat nieuw werk zaten een paar echt zeer strakke nummers en Ilayda Cicek probeerde zonder uit haar rol te treden het publiek mee te krijgen. Aanvankelijk was er hoe dan ook een kleine afstand, al veranderde dat naarmate ze meer en meer het publiek adresseerde. “All Again”, een nummer vanop Ayna, hoorden we ook met een nieuwe drive en andere intensiteit gebracht worden. Haar schurende stem had wat ons betreft daarop gerust zelfs nog iets meer mogen doorkomen in de geluidsmuur die ze optrokken, al kwam ze bij “Sorry” en “Leave Me Dry” heel goed uit de verf. De volgelopen Club was een soort van beloning voor haar volharding en mits nog wat klein schaafwerk is die show klaar om ook buiten de Belgische landgrenzen te bekoren.
ILA staat dit najaar nog in de Ancienne Belgique (28 november) en houdt begin volgend jaar een clubtour met tussenstops in Het Depot (17 februari), Trix (20 februari), Cactus Club (24 februari) en Club AFF (27 februari).
Milolaathetlukken @ Main Stage
© CPU – Sam De Boeck
Vraag van de dag: laat Milo het lukken? Het antwoord is een beetje twijfelachtig. Milolaathetlukken etaleerde zich als baddie met zijn haar slicked back en een snelle planga. Op enkel een heel, maar dan ook echt heel aanwezige backingtrack, vulde Milo aan met hier en daar wat rap en vlotte tussenstukjes. Het repertoire van meneer L. H. Lukken bestaat dan vooral uit samenwerkingen. Toch stond hij er alleen, al waren de gastbijdrages vaak aanwezig in de backingtrack. Nummers als “Haver Cappu” en “HDP” kwamen niet altijd even hoogstaand over, maar brachten het feestbeest in het publiek los. Dat effect had de rapper dan net wel, desondanks dat dat publiek nog niet zo talrijk aanwezig was. “Lijntje” dat hij maakte met ‘Kleintje’ (Lil’ Kleine) kon dan op ietwat een hoogtepunt van enthousiasme rekenen. De leuke productie op het scherm kon ons doorheen het optreden dan eigenlijk ook nog wel entertainen. Laten we de consensus van de set dan ook houden op entertainment.
BLUAI @ Marquee
De band Belgische band BLUAI, mocht zich werpen op de Marquee gisteren. De door vrouwen geleide bezetting bracht leuke ingetogen indiedeuntjes die straalden. Hoewel zangeres Catherine Smet wat schuchter overkwam, kon ze met haar zang- en gitaarwerk wel overtuigen, natuurlijk samen met de rest van de band. Het optreden was dan ook leuk, aangenaam en lekker simpel. Dat kan ook eens relaxerend werken op een zondagmiddag. Met ook trompetversterking wist de band het dan ook verfrissend en spannend genoeg te maken. Het nieuwe “It’s Gotta Be Me” vormt de opbouw naar een nieuwe plaat, en de single kon hier al als veelbelovend voorproefje dienen. Hoewel de tent wederom niet vol stond, kon de band het aanwezige publiek wel genoeg bekoren om de aandacht te behouden. BLUAI is dan ook een Belgisch pareltje om in de gaten te houden.
BLUAI staat op 26 maart 2027 in De Roma.
Ronker @ Backyard
© CPU – Nathan Dobbelaere
RONKER staat op elke show met de instelling van een band die nog iets te bewijzen heeft, en dat werkt. Het Denderleeuwse viertal, dat zichzelf als uitvinder van het genre speednoise beschouwt en klinkt als een kruising tussen Danzig-era Misfits en Helmet met een scheutje 90s emo, heeft het afgelopen jaar een indrukwekkende weg afgelegd van kleine podia naar een vaste plek op de grotere festivals. Op Pukkelpop was er meteen een extra dimensie: De Petter kondigde aan een speciale gast mee te hebben, waarna Mathieu Terryn van Bazart in een Amenra-T-shirt op het podium verscheen en meteen “Goud” inzette. De combinatie was even onverwacht als logisch. De rest van de set deed wat een RONKER-set altijd doet: hard, snel en zonder omhaal, met nummers als “Tall Stories”, “Kennedy” en “Goliath” die de tent in beweging hielden van het eerste tot het laatste moment. Een band die op dit tempo blijft groeien en waarvan de volgende stap duidelijk een nog groter podium is.
Ronker staat de komende maanden nog op Backyard Festival (11 september), Leffingeleuren (12 september), Pelter Skelter Indoor Fest (26 september) en De Duystere Markt (27 september). Dit najaar volgt er een clubtour met tussenstops in het Wilde Westen (23 oktober), De Bilding (27 november) en Trix (28 november).
Shaking Hand @ Lift
© CPU – Jitte Davidson
Een van de grootste verrassingen op de line-up dit jaar, maar echt een heel waardevolle. Shaking Hand uit het koele Canada brengt dat ijzige gevoel muzikaal sinds kort de wereld rond. Hun debuutalbum Shaking Hand zit geworteld in postrock, maar evolueert even snel richting slowcore of artpunk. Dat resulteerde in een verzameling songs die elk een heel sterke eigen identiteit hadden, maar tegelijkertijd verbazend coherent als plaat werkten. Gisteren mocht ons land daar voor het eerst van genieten. Het grote volk was jammer genoeg nog blijven plakken op een van de campings, maar de halfvolle Lift bleef wél heel aandachtig aan de lippen van het drietal hangen. Live bleken alle songs bovendien nog wat extra karakter gekregen te hebben. “In For A… Pound” klonk zo nog eens extra bevreemdend, terwijl de extra panache bij “Up The Ante(lope)” een absolute meerwaarde was. De set bleef op die manier voortdurend dynamisch én dus ook heel veelbelovend.
Shaking Hand staat dit najaar nog in Cactus Club (24 november) en de Botanique (25 november). Twijfelen over tickets is tijdverlies, pak ze nu het nog kan.
ADÉLA @ Wave
© CPU – Sam De Boeck
Sterren komen, sterren gaan, maar er zijn er maar weinig die effectief weten te blijven. ADÉLA lijkt echter de uitzondering op de regel te gaan worden, want de Slowaakse zangeres ziet haar populariteit met de dag groeien. Het internet staat vol met vergelijkingen met onder mee Addison Rae en Slayyyter, en nu er ook een eerste albumrelease aankomt, zou alles zomaar eens in een volgende stroomversnelling kunnen komen. Op Pukkelpop moest Adéla Jergová het echter nog doen met een relatief vroeg slot in de Wave, al was de anticipatie al dagen op voorhand enorm groot. Een grote poster op het terrein voorspelde het al: de baddest bitches are in Belgium, en dat hadden we geweten.
Opener “KGB” pompte meteen lekker, al was het vooral het totaalplaatje dat indrukwekkend oogde. Samen met haar vier dansers schudde ze een reeks fantastische choreo’s uit haar (onbestaande) mouwen en dat zorgde er ook voor dat de nummers naadloos in elkaar overvloeiden. Het hysterische gegil was navenant, maar wel volledig terecht. “Go” is de pophit die je nog niet kent en kreeg de volledige Wave al aan het springen, maar ook het balletintermezzo meteen daarna bewees dat ADÉLA echt van alle markten thuis is. Recentste single “Ain’t in LA” leek zelfs een grote doorbraak te gaan forceren aan het aantal gsm’s te zien, niet in het minst omdat het ook vanop het podium effectief een banger bleek. Debuutsingle “Homewrecked” was een momentje voor de fans van het eerste uur vooraan, dat uitgroeide tot een hoogtepunt voor de hele tent. Afsluiter “Superscar” bevestigde dan weer hetgeen we eigenlijk al de hele set dachten: ADÉLA is een ster. Volgende keer is dit Main Stage voor een volle weide, de zopas aangekondigde show in La Madeleine is bij deze al op voorhand stijf uitverkocht.
ADÉLA staat op 25 januari in La Madeleine.
S10 @ Main Stage
© CPU – Sam De Boeck
S10 en Pukkelpop, dat lijken twee handen op één buik. De Nederlandse zangeres is namelijk een graag geziene gaste in Kiewit en kan vanzelfsprekend steevast rekenen op een relatief grote opkomst. Voor het eerst was dat zelfs op de Main Stage, waar ze haar recentste plaat Mijn Haren Ruiken Naar Vuur in vol ornaat kon voorstellen. Dat ze daar de afgelopen maanden nog niet echt de kans toe kreeg, had natuurlijk veel te maken met het overlijden van haar broer, al leek dat de zangeres alleen maar sterker te hebben gemaakt. Vol enthousiasme danste ze door haar bloemenveld, met een uitgebreide band als ruggensteun.
Hitjes aan de lopende band, waarbij “Nooit Meer Spijt” wat elektriciteit over de weide deed waaien. Diezelfde weide mocht overigens dienen als vervanger van Froukje en raakte zo des te meer in de sfeer voor de groove van “Weer Verliefd”. Lekker tempo dus in de set, waarbij S10 vooral ook de titel van “Have Fun” waarmaakte. En daarin nam ze Pukkelpop vrij moeiteloos mee, op verschillende niveaus. Haar ode aan haar broer en iedereen die er helaas niet meer bij kon zijn (“De Diepte”) leverde bij heel wat festivalgangers vochtige ogen op. Die sfeer kreeg een nog krachtigere boodschap in “Safe & Sound” en “Laat me Los”, en zo kreeg haar energieke set ook een emotioneel randje. Toch was het jammer dat S10 ergens de handrem zelf een beetje optrok door haar technische problemen een vrij grote rol te laten spelen. Maar goed, dat veegde ze in een laatste rechte lijn dan weer eigenhandig van de kaart door verder te scheuren met onder meer “Mijn Haren Ruiken Naar Vuur” en uiteindelijk tóch nog Froukje. “Hart in Brand” en “Ik Haat Hem Voor Jou” brachten de weide in extase, en bewezen uiteindelijk waarom die liefde tussen Pukkelpop en de Nederlandse zangeres(sen) meer dan terecht is.
SPRINTS @ Club
© CPU – Nathan Dobbelaere
Ierland domineert de festivals deze zomer met een indrukwekkende garde boeiende nieuwe bands. Ook deze SPRINTS stamt uit de hoofdstad van de Ieren, maar eigenlijk kunnen we ze moeilijk tot dat clubje rekenen. Het viertal met Karla Chubb als spilfiguur draait daarvoor al iets te lang rond in het punkcircuit en heeft sinds vorig jaar al twee volwaardige langspelers op de teller staan. All That Is Over was beduidend beter dan de eerste – die ook prima was hoor – en bevat de beste songs die de band al op tape heeft gezet. Echt uniek kunnen we hun sound echter niet noemen, want anders dan hun landgenoten maken ze vooral punk volgens het boekje zonder een uitgesproken ruwe of bijzondere rand om uit te blinken. Dat heeft zich live ook altijd op die manier geuit en jammer genoeg is dat met deze plaat nog niet volledig anders. Hun set was dus wat het in principe moet zijn: strakke songs met protestteksten die bij momenten heel overtuigend door Chubb geschreeuwd worden. Het is echter zoeken naar een echte meerwaarde, naar echt boeiend materiaal of een onontdekte ruwe rand. Dat is oké, fans van het genre vinden dit ongetwijfeld helemaal prima, maar de beperking zal er vermoedelijk altijd wel blijven.
Eefje de Visser @ Marquee
© CPU – Nathan Dobbelaere
Ook met Eefje de Visser kon de Marquee nog even haar laidbacksfeer behouden. De zangeres rond met Pukkelpop haar Heimwee-Vlijmscherp periode af. Toch begon ze haar set met enkele Bitterzoet-nummers als “Lange Vinnen” en “De Parade”. Niet veel later kon “Vlijmscherp” zelf wel de revue passeren. Ook complimenten naar de haarstylist, want Eefje pakte uit met mooie krullen. Tot hiervoor bleef de tent redelijk leeg, maar voor de Visser was er al een pakje meer volk komen aanschuiven. Aan de hand van een coole opstelling op podium en leuke visuals, kon de set leuk verder kabbelen. Ook haar achtergrondzangers waren aanwezig met vocals en danspasjes om de klassevolle dame in haar kunstige show te ondersteunen. Dit onder andere met mooie harmonieën aanvullend op de betoverende synthpop. Op het einde bracht ook “Tikkend” dat gevoel wederom enorm teweeg. Afsluiten deed ze dan met een groepje dansers. Die haalde ze van een oproep die ze even geleden deed naar het publiek. “Vlammen” werd zo naar nog een hoger niveau getild en kon dienen als mooi einde.
Ploegendienst @ Backyard
Ploegendienst is een artiest die zijn publiek meteen krijgt of niet, en op Pukkelpop was het plein opvallend vol. Veel interactie, veel energie, en een man die alles uit zijn publiek probeert te trekken, ook wanneer de crowd even stil valt en hij er gewoon mee doorgaat. Ergens in de set hield hij een speech over sociale media en filters, over hoe niemand er een fuck om moet geven wat anderen denken. Het voelde oprecht aan en niet als een ingestudeerd praatje, wat soms wel het geval is. “Het doek is gevallen” was al een goed moment, maar toen hij zijn microfoonhouder begon te humpen om zijn punt te illustreren over hoe hij zou optreden zelfs als er maar twee mensen in de tent stonden, was de Backyard volledig mee. Dat het ook zijn laatste show was met zijn vaste drummer gaf de set een extra laag: een collectief ooooh-moment met applaus, gevolgd door “Rattekop” dat de crowd deed ontploffen alsof er geen morgen was. “Love Yourself” sloot af, compleet met de aanbeveling om safe en consentually te zijn. Ploegendienst is een artiest die precies weet wat hij wil, en die dat op een zondagnamiddag op Pukkelpop volledig waarmaakt.
Ploegendienst staat op 7 oktober in de Cactus Club.
Kels @ Lift
© CPU – Jitte Davidson
Het verhaal van KELS is eigenlijk redelijk uniek voor de Pukkelpop. De artieste is een van de zeer weinige die (bijna) volledig onafhankelijk in de muziekwereld staat, en zorgde er ook volledig zelf voor dat ze 50 tourdagen in de VS kon inplannen om haar carrière een kanonstart te geven. Nog meer dan de liveshows is het haar online populariteit die daar voor zorgt, want de zangeres maakt kwistig gebruik van Instagram en TikTok om aan de top te geraken. Niks mis mee natuurlijk, zeker als het muzikaal wel de moeite waard is. Deze tour is haar allereerste ep Dirty Blues Princess de rode draad, een collectei songs die ergens tussen Amy Winehouse en Lauryn Hill het beste uit neosoul en blues combineren. De prachtige stem van KELS is daarbij het hoogtepunt, zeker gezien er aan de show nog wat werk is. Om budgettaire redenen zal een achtergrondband op dit moment ngo geen optie zijn, dus doet de zangeres het enkel met een DJ die de plaatjes opzet. Daardoor kwam geen enkele song echt over zoals hij zou moeten. Niet getreurd, het was allemaal meer dan oké, maar een show zonder liveband heeft nu eenmaal zijn beperkingen.
Ravyn Lenae @ Wave
© CPU – Sam De Boeck
Ze was daar redelijk uit het niets, Ravyn Lenae, maar zoals dat gaat met TikTok-hitjes, schoot haar ster minstens zo snel richting het plafond. Vooral hitje “Love Me Not” is daar de grootste oorzaak van, al staat de zangeres uit Chicago deze festivalzomer vaak opvallend hoog op de line-ups. Op Pukkelpop moest ze in de vroege namiddag genoegen nemen met een plekje in de Wave en daar waren heel wat fans duidelijk niet van op de hoogte. Een bijzonder magere opkomst voor de zangeres die met Blue Island recentelijk een nieuwe plaat uitbracht en het daarmee best groot zag.
Op het podium een enorme stelling met daaronder een goed verstopte band, maar daar deed ze eigenlijk niet zo veel mee. Ravyn Lenae liep een beetje verloren op het grote podium en probeerde haar focus vooral op de nummers te leggen. Maar ook die voelden een beetje leeg aan… het is te zeggen, het sleepte allemaal iets te lang aan om echt boeiend te blijven. Het probleem dat je dan krijgt, is dat iedereen eigenlijk vooral wat zit te wachten op het ene hitje, maar dat voorkwam de Amerikaanse door wel een leuke groove te blijven brengen. Ze groeide dus wel in haar set, maar kon niets ons ontdoen van het idee dat er iets miste. Recente single “Saturday Night” was achteraf gezien wel een hoogtepuntje, maar het waren “Handle” en natuurlijk “Love Me Not” die op het einde het meeste punten kregen. Dat de tent volstroomde voor die laatste, bevestigde overigens nog maar eens hoe Pukkelpop werkt; maar op een TikTok-dag als gisteren zullen we dat dan maar even door de vingers zien.
Bazart @ Main Stage
© CPU – Jitte Davidson
Bazart op Pukkelpop is inmiddels een vertrouwd ritueel, en dat werkt in twee richtingen. Het publiek weet wat het krijgt, de band weet wat het publiek wil, en dat klikken is op zijn best euforisch en op zijn meest voorspelbaar gewoon heel erg goed. Dit jaar vierden ze hun tienjarig bestaan, wat ze niet onopgemerkt lieten voorbijgaan: historische podiumdoeken van de voorbije decade hingen als decor achter de band, een knipoog naar het verrassingsoptreden vorig jaar onder de naam Exit dook op tijdens “Nooduitgang”, en een groot symfonisch orkest verscheen voor “Goud” als afsluiter. Pommelien Thijs was er niet bij, maar het publiek nam haar rol gewoon zelf op tijdens “Hou mij vast”. Mathieu Terryn liep na afloop letterlijk door de menigte met een groep trommelaars, wat drie flauwvallende fans opleverde en genoeg beelden voor de komende weken sociale media. Maar eerlijk gezegd: voor wie Bazart de voorbije jaren regelmatig op Pukkelpop heeft gezien, was er weinig dat dit van de andere keren onderscheidde. Goed, zoals altijd. Vertrouwd, zoals altijd. En misschien is dat ook precies wat een tiende verjaardag mag zijn.
Bazart staat deze zomer nog op Crammerock (4 september). Tussen 25 en 29 juni 2027 viert de band zijn tienjarig bestaan met een reeks concerten in De Roma.
ise @ Club
Violet Grohl zou gisteren haar Belgisch debuut maken in de Club, maar ziekte hield dit spijtig genoeg tegen. ise to the rescue! De Belgische zangeres met haar melancholische repertoire valt de laatste jaren wel vaker te spotten in zalen en op festivals. Wij gingen met plezier nog eens haar vervangingset checken. Met de akoestische gitaar speelde de zangeres haar zachte, maar doorgrondende stem daarbovenop uit. Die moest dan ook de leidraad vormen, hoewel in de muziek ook een rode draad zat. Die mocht voor ons net iets gevarieerder zijn. Zowel solo als met band deed ze haar best en kwam daar met resultaat uit. Met nummers van haar debuutplaat Suitcase Child wist ze een sfeer neer te zetten, maar heel spannend werd het geheel niet. We hebben met plezier staan kijken, maar de teleurstelling van Grohls energieke rock te missen woog net te zwaar op de rustigere indiemuziek van ise.
Denzel Curry @ Marquee
© CPU – Nathan Dobbelaere
Bent u vertrouwd met het Denzel Curry-effect? De rapper uit Florida is een wervelwind en een artiest die van allerlei walletjes eet. Vrijdag bracht hij bijvoorbeeld nog een nieuwe mixtape uit samen met Kenny Beats en tegelijkertijd maakt Curry graag ook uitstapjes naar de hardere gitaarkant. Zo kon je hem eerder dit jaar nog horen op “Hive Mind” met Knocked Loose en ook zijn mythische “Bulls On Parade”-cover blijft over de tongen gaan. Op Pukkelpop kregen we gisteren vooral de Curry te horen zoals we hem kennen: beenharde beats, krankzinnige flows en een energieke hypeman die vol voor sfeer gaat. “RICKY” en “Hit The Floor” zorgden direct voor veel sfeer, ondanks dat zijn microfoon nog niet het volume had om over de beats te geraken. Het Denzel Curry-effect liet echter niet lang op zich wachten en een goed gevulde Marquee at met plezier uit zijn hand.
Als hypeman zocht en vond de Amerikaanse rapper de connectie met het publiek, dat na vier dagen festivallen nog wel goesting had in een uurtje moshen en springen. Halfweg vuurde hij er even “Victory Lap” tussen en ook “CLOUT COBAIN” bracht de Marquee naar een nieuw kookpunt. Net voor “STILL IN THE PAINT” gaf hij Trash Talk nog een shout-out en dan was het tijd voor het zwaarste geschut. De sit-down voor “Ultimate” deed de vloerplaten trillen en de agressiviteit van “Bulls On Parade” zorgde nog voor een laatste keer voor wilde taferelen. Om het met de woorden van Zack De La Rocha te zeggen: ‘You’re the Man D!’
Audrey Nuna @ Wave
© CPU – Jitte Davidson
Vooralsnog hielden de Belgische festivals hun vingers van K-pop, al lijkt Pukkelpop daar dit jaar toch een beetje verandering in te brengen. Audrey Nuna is namelijk een Koreaans-Amerikaanse artieste die sinds kort de miljoenen streams ogenschijnlijk moeiteloos aan elkaar rijgt. Een belangrijke factor in dat succes is haar rol in de Netflix-film KPop Demon Hunters, al wilde ze in de Wave bewijzen dat ze veel meer was dan dat – en ook dat alle vooroordelen rond haar genre onterecht zijn. We kunnen het daarover vrij kort houden: ze bevestigde al het bovenstaande, maar er was helaas amper iemand aan wie ze dat punt kon maken.
Slechts een paar honderd mensen hadden de weg naar de Wave gevonden, maar zij zagen wel hoe de zangeres zich helemaal smeet om er alsnog het beste van te maken. Samen met haar drummer en gitarist/toetsenist pompte ze er op korte tijd een pak nummers door, zonder daarbij ook maar één minuut stil te staan. Letterlijk, want Audrey Nuna vloog haast over het podium, waarbij ze haar eigen nek misschien wel uit de kom headbangde. Je kon er dus best veel van zeggen, maar de afwezigen hadden toch echt ongelijk, al was het maar omdat ze haar rap vaak op zo’n harde manier kon overbrengen. Soms stelden we ons zelfs de vraag of ze wel effectief live zong, net omdat ze zo goed klonk. De mensen die er stonden, kreeg ze daardoor enorm snel mee in haar verhaal en de handjes gingen veelvuldig in de lucht. Zeker de nummers uit de film zorgden voor euforie, al trok die euforie bijgevolg ook de rest van de set. Een positieve wisselwerking waarmee ze de situatie simpelweg ownde.
SPEED @ Backyard
© CPU – Sam De Boeck
Bon, daar zijn we dan, de grootste hardcorehype na Turnstile. Want SPEED is een hardcoreband, wist u dat? Indien niet was het zowat het enige dat uit Jem Siow zijn mond kwam. ‘This is a hardcore band’, ‘we play hardcore music’… Eigenlijk was dat al redelijk duidelijk van de eerste noten. Want ondanks de nogal irritante bindteksten was SPEED wel een kanonskogel die zich moeiteloos door beton een weg baant. De Australische band, niet erg lang geleden nog de support act van Turnstile, had bovendien nog steeds het album ONLY ONE MODE om voor te stellen. De hoogtepunten daaruit vormden ook de lichtpuntjes in de set. De vlammende riffs van “DON’T NEED” en het hitkaliber van “THE FIRST TEST” deden pits ontstaan die we dit jaar nog niet vaak voor de Backyard hadden gezien, met de nodige portie two-steppers en crowdsurfers als logisch gevolg. Maar toch; SPEED is een band waarbij je een stampvolle stage zou verwachten, maar ook nu was het nooit echt druk. Jammer!
Tyler Ballgame @ Lift
De charmante Tyler Ballgame heeft er namelijk lang voor gestreden, maar is eindelijk bezig met zijn terechte opmars. Zo kon hij ook ondertussen op redelijk wat volk rekenen in de Lift gisteren. Met zijn door americana beïnvloede indiepop kwam hij de stage inpalmen. Zijn vijfkoppige band was sterk, maar de kracht van Ballgame is nog altijd zijn indrukwekkende en prachtige stem die bijna als een dekentje boven de muziek lag. Nummers als “For The First Time, Again” van het gelijknamige debuutalbum, dat ons ten tijde al tamelijk bekoren kon, speelden dan ook mee in het ondersteunen van die unieke stem. Ballgame haalt klaarblijkelijk veel inspiratie voor zijn muziek uit de jaren pakweg zeventig en dat zorgde voor mooie variatie. Ballgame straalt ook gewoon de juiste présence uit en dat maakte het plaatje compleet.
Zara Larsson @ Main Stage
© CPU – Sam De Boeck
Wie had een tiental jaar geleden gedacht dat Zara Larsson anno 2026 een van de grootste sterren van de Pukkelpop-affiche zou zijn. De populariteit van de Zweedse zangeres kende de afgelopen maanden een enorme heropleving, die ze zelf nog wat extra kracht bijzette met Midnight Sun en de bijbehorende tour. Een ongezien vol en extatisch veld was bijgevolg haar deel, maar daar weet de ster tegenwoordig wel raad mee. “Midnight Sun” deed de boel ontbranden, “Hot & Sexy” maakte zijn titel helemaal waar.
Zara Larsson deed haar rol als publiekslieveling zowat permanent eer aan, en dan moesten de echte hitjes nog komen. “Ain’t My Fault” rolde samen met de synthsaxofoon over de weide, terwijl de daaropvolgende dansbattle tussen al haar dansers nog meer olie op het vuur gooide. De brandende zon maakte van “Pretty Ugly” een nog groter anthem, dat voor veel Pukkelpoppers ongetwijfeld voor enkele core memories zal hebben gezorgd. Het stukje “Stateside” was leuk voor TikTok, “Never Forget You” was nog zo’n vergeten hitje, maar het was zonder enige twijfel “Lush Life” dat voor hét moment van Pukkelpop 2026 zorgde. Het tien jaar oude nummer is vandaag de dag groter dan ooit en werd mede dankzij de dansers uit het publiek naar een nog hoger niveau getild. Het hek was al heel lang van de dam, maar Zara Larsson blééf maar gaan. “Symphony” zorgde voor een enorme stofwolk boven het terrein en opnieuw “Midnight Sun” maakte de cirkel rond met een hele grote glimlach. De Zweedse speelde zo voor misschien wel het grootste Pukkelpop-publiek ooit (of toch al zeker van deze editie) en gaf het publiek ook alles waar het van tevoren op hoopte. Dichter bij de ideale festivalshow kom je niet.
Pale Jay @ Club
© CPU – Jitte Davidson
Een mooie stem hebben is kennelijk niet meer genoeg en dat besefte ook de Duitse Pale Jay. De soulzanger verhult zijn gezicht achter een opvallend masker en kiest er bewust voor om zijn identiteit op de achtergrond te houden. Hoewel hij al best veel muziek en projecten heeft uitgebracht, heeft het best lang geduurd voordat hij de stap naar het podium durfde te zetten. Op Pukkelpop vierde hij gisteren zijn Belgische première en dat ondanks stevige concurrentie in de vorm van Zara Larsson. De zonnestralen schenen de Club in en zorgden voor extra gemoedelijkheid. De Duitser had een pianist en gitarist meegenomen en liet de percussie door een computer meelopen, maar daar gaan we hem niet voor afrekenen. De set was hoe dan ook eerder aan de brave kant en Pale Jay verspreidde vooral veel liefde. “Spend More Time With Your Friends” was een welgemeend en mooi advies en bij “In Limbo” nam hij ons mee in de ontstaansgeschiedenis van zijn project. Op zich zorgde Pale Jay dus voor een aangenaam uurtje, al zal zijn muziek en zijn boodschap in een zaal net iets beter overkomen.
Chris Stassy A/V Show @ Wave
Een opmerkelijk nieuwtje in dj-land: door een aanhoudende juridische strijd met het modemerk Stüssy veranderde Chris Stussy vorige week zijn artiestennaam naar Chris Stassy. Een ferme domper voor de Nederlander, die ondertussen toch wel een zekere naam en faam heeft opgebouwd. De naamswijziging is echter geen muzikale koerswijziging. Op zijn Instagram beloofde hij namelijk: ‘Same Mind. Same Music. Same Vision.’
Als Stassy stond hij gisteren voor de tweede keer achter de draaitafel en op Pukkelpop had hij zowaar zijn audiovisuele show, genaamd Linger, meegebracht. Aanvankelijk was er opvallend weinig volk in de Wave, wat voor een groot stuk te wijten is aan het succes van Zara Larsson, die net klaar was toen hij eraan begon. Ook de extra schermen waren niet meteen een meerwaarde, gezien het daglicht nog best aanwezig was. Stassy heeft als dj echter al voor veel hetere vuren gestaan en wist dus, gezien zijn ervaring: dit komt vanzelf wel goed. De Wave vulde zich gestaag en de danspegel schoot met elke nieuwe tune verder de hoogte in. Heel A/V was de ervaring echter niet en eigenlijk was dit 75 minuten lang niet meer dan een veredelde dj-set.
Blood Orange @ Marquee
© CPU – Nathan Dobbelaere
Dev Hynes, beter bekend als Blood Orange, staat al meer dan tien jaar voor een soort muziek die zich moeilijk laat omschrijven maar onmiddellijk herkenbaar is: indiesoul, r&b, elektronica en klassieke composities die door elkaar lopen op een manier die alleen hij lijkt te beheersen. De voorbije jaren heeft Hynes zijn naam nog verder vergroot, van het openen van vijftien shows voor Harry Styles in Madison Square Garden tot het winnen van een Latin Grammy voor zijn productiewerk op Nathy Peluso’s “El Día Que Perdí Mi Juventud”, en meest recentelijk producties op het nieuwe Lorde-album en een verschijning op Turnstile’s Never Enough. Dat hij meer dan vijftien jaar geleden voor het laatste in België stond maakte zijn aanwezigheid in de Marquee op zondag extra bijzonder, ook al was de timing iets minder gunstig: vijf minuten na het einde van Zara Larsson op de Main Stage betekende voor wie er bij wilde zijn simpelweg rennen.
Met vijf man op het podium bracht Hynes een set die de breedte van zijn discografie eerde, van “Thinking Clean” en “Saint” tot recente single “The Field”, zijn eerste nieuwe Blood Orange-materiaal in jaren. Dat de complexiteit van zijn studiowerk met vijf man live niet volledig te reproduceren valt, is een eerlijk gegeven, en het elektronische fundament dat de band daarvoor in de plaats zette deed het geheel nooit fake aanvoelen, eerder als een hervertaling die zijn eigen logica had. Het meest onverwachte moment was een herinterpretatie van Björk’s “All Is Full of Love” halverwege de set, zo goed dat je je even afvroeg of de originele versie dit niveau haalt. Het eigenlijke hoogtepunt, hoe dan ook, was “Champagne Coast”, het nummer van zijn debuutalbum Coastal Grooves dat vorig jaar viraal ging op TikTok en in de Marquee aankwam als een nummer dat iedereen al jaren kende. “The Field” sloot af als een veelbelovend teken van wat er komen gaat. Een set die meer dan vijftien jaar wachten volledig rechtvaardigde.
Trash Talk @ Backyard
© CPU – Sam De Boeck
Ooit al een band geweten die exact doet wat er in de naam staat? Kids With Buns misschien, met die kapsels enzo. Maar Trash Talk is wel buiten categorie in dit onderdeel. De hardcoreband – jup, we zitten aan de Backyard dus uiteraard is het hardcore – is een oude rot in het vak die al sinds 2005 herrie en chaos creëert. In 2020 brachten ze zelfs nog een ep uit met Kenny Beats, die producer die overal zijn neus tussensteekt. Maar goed, Trash Talk dus, want vanaf de eerste momenten spuwde frontman Lee Spielman zijn gal over iedereen die iets te dicht bij hem kwam. Hij organiseerde een sitdown waarbij je niet mocht rechtstaan, stuurde mensen weg omdat ze hem niet aanstonden en nam tijdens het laatste nummer heel de pit nog mee naar een van de containers aan de zijkant van het podium. Geen mop, letterlijk honderd man wandelde microfoon incluis naar de zijkant van het stukje grond om daar de zitplaats te beklimmen en alles af te breken. Passeerden er intussen ook goeie songs? Waarschijnlijk, het klonk meestal alleszins als een verbijsterend hard geheel dat ellebogen en kniegewrichten deed zwaaien, maar dat was bijzaak. De chaos en anarchie primeerden.
Rose Gray @ Lift
© CPU – Jitte Davidson
Zonder live band, maar met pompende beats op het bandje kon de Britse Rose Gray in de Lift komen staan. Een kledingrek en een zetel maakten het podiumdecor net iets gezelliger als er dan toch geen instrumenten stonden. De zangeres bracht energie, dat zeker wel. Toch vonden we haar niet de beste live act. Niks van muzikanten is het eerste, maar de (achtergrond)zang op het bandje overstemde haar dan ook wel heel erg. Gray waande zich wel als entertainer met onder andere een versie van Madonna’s “Music” en het leuke “Wet & Wild”. De show verliep als een geoliede machine met de coole visuals en de juiste manoeuvres op het juiste moment er nog eens bij. Dat kan een leuk resultaat opleveren zoals bij Zara Larsson, maar daar voelde het natuurlijker aan dan bij Gray. De zangeres is voor ons niet direct een hoogvlieger van jewelste, maar mocht er wel zijn voor een leuk feestje te bouwen in de Lift gisterenavond.
Rose Gray staat op 9 november in het voorprogramma van Tove Lo in Vorst Nationaal.
Sombr @ Main Stage
© CPU – Nathan Dobbelaere
De steile opmars die Sombr op korte tijd realiseerde is om velerlei redenen impressionant te noemen. Ruim een jaar geleden opende Sombr nog voor Nessa Barrett in de Ancienne Belgique en nu is hij ontegensprekelijk een van de populairste popsterren van het moment. Alhoewel, als doorsnee popartiest wil de prille twintiger liever niet bestempeld worden. Om als rockster serieus genomen te worden heeft hij samen met zijn team flink zijn best gedaan; de band werd grondig geselecteerd op basis van skills en looks, de eyeliner kleurt zijn oogringen donker en recent kreeg hij op het podium het gezelschap van The Smashing Pumpkins-opperhoofd Billy Corgan. Om maar te zeggen: Sombr is geen eendagsvlieg die per toeval als subheadliner van deze slotdag staat. En dat was ook aan de opkomst te zien, want de weide puilde bij weinig andere artiesten dit weekend zo hard uit als bij hem.
We moeten eerlijkheidshalve toegeven dat we aanvankelijk sceptisch waren of Sombr klaar zou zijn om zo’n belangrijk slot te kunnen dragen. Hoewel de twijfels ondanks een geinig geënsceneerde opkomst – samen met rijzende popster ADÉLA in een Cadillac – niet helemaal van de baan waren, kon je wel merken dat de weide nagenoeg instant in extase overging bij “we never dated”. Een geslaagde zet bleek “come closer” te zijn, dat live toch vele malen opvallender was dan de studioversie doet vermoeden. Bij “Homewrecker” nam hij de gitaar heel even voor de sier zelf in de hand en bij “undressed” was het dan effectief prijs. Sombr deed aan aura-farming en maakte met zijn zeven mijlslaarzen reuze sprongen. Hoewel alles tot het laatste puntje was uitgewerkt voelde de show toch nog authentiek en spontaan aan. Door het gebrek aan genoeg nummers werden er een paar iets langer uitgesponnen. Zo kregen we een lekker lange versie van “back to friends”, inclusief tochtje door het publiek, en welgeteld twee keer “12 to 12”. En dat laatste bleek ook nog eens een geniale zet te zijn, want de weide reageerde bij de tweede keer nog euforischer. Wie twijfelde aan Sombr werd al snel met de neus op de feiten geduwd; de Amerikaan is geboren om een wereldster te zijn.
Baxter Dury @ Club
© CPU – Jitte Davidson
Wist je dat Baxter Dury de zoon was van Ian Dury? Die man van “Sex & Drugs & Rock & Roll” en “Hit Me With Your Rythm Stick”? Ja? Oké dan, gedaan met de leuke weetjes. Uiteindelijk staat Baxter daar ook los van en maakt al sinds begin de jaren 2000 helemaal alleen muziek. Het is gevoelsmatig echter pas sinds zijn laatste platen, en met Allbarone bij uitstek, dat hij naam en faam heet vergaard in de Lage Landen. Voor het eerst was hij op bezoek op Pukkelpop, war een tamelijk lege Club hem stond op te wachten. De set was wat we er intussen wel al van verwachten: Dury danst manisch in het rond terwijl zijn band dansbaar en strak het ritme bepaalt. Dat zorgde wel voor een beetje enthousiasme, maar losbreken zoals tijdens Nu Genea deed de tent nooit. De show bleef dus heel de tijd redelijk lauw: nooit briljant, nooit slecht. Na een heel weekend zowat elk genre gezien te hebben, is Baxter Dury dan ook niet bepaald uitzonderlijk.
Parcels @ Marquee
© CPU – Jitte Davidson
Een tent, die sluit je af met een feestje. Parcels heeft zich doorheen zijn carrière al vaak bewezen als de ideale kandidaat voor plezante taferelen, dus mocht het zijn trucje in de Marquee voor de zoveelste keer overdoen. Neem ‘de zoveelste keer’ echter met een korreltje zout, want in tegenstelling tot wat in het verleden wel al eens gebeurde, speelden de naar Berlijn uitgeweken Australiërs gisteren nog eens wat minder op automatische piloot. Dat voelde je eigenlijk al vrijwel meteen, toen “Tobeloved” de zich nog vullende tent al omtoverde in een 80’s dansvloer.
Het coole bij Parcels is dat, eenmaal ze eraan zijn begonnen, ze ook niet meer stoppen. “Overnight” werd plezant in het geheel gemixt, “Comingback” zweepte iedereen die nog niet chaud stond nog wat verder op. Met “Tieduprightnow” zat er nog zo’n enorm plezant hitje in het begin van de set, al leken de Australiërs toch niet meteen al hun troeven op tafel te willen gooien. “NowIcaresomemore” en “Safeandsound” haalden het tempo er een beetje uit, maar bouwden tegelijkertijd ook weer op naar “Gamesofluck” en een enorm coole versie van Kavinsky’s “Nightcall” – als eerbetoon aan de overleden Fransman kon dat zeker tellen. De collectieve meezingstonde zorgde er in elk geval bij dat de laatste rechte lijn van jaargang 2026 definitief was ingezet. “Lightenup”, “Yougotmefeeling” en uiteindelijk nóg eens “Tobeloved” werden gebruikt als finale kers om de voeten nog een laatste keer van de grond te krijgen, want de Marquee barstte fenomenaal uit haar voegen. Overal feest, overal liefde – zoals het hoort.
Purple Disco Machine @ Wave
© CPU – Sam De Boeck
Purple Disco Machine is het alter ego van de Duitser Tino Schmidt. De gekende dj en producer was misschien de meest verrassende in zijn genreklasse die we dit weekend zagen passeren. Naast zijn vertrouwde draaitafel nam de man compagnie mee. Een drummer en een toetsenist konden als extra muzikanten dienen. Hoe dat precies helemaal werkt, hebben we waarschijnlijk ergens gemist in de briefing. Maar het werkte en het was cool! Ook verschillend zang- en danstalent was voorzien om het maximum uit de show te halen. De Duitser heeft zo zijn eigen stijl in zijn funky gebruik van beats die ook altijd even opzwepend zijn. Zo kon er op een bakje vol aan de Wave gerekend worden. Het publiek besloot dan standvastig de heupjes los te schudden. Enkele remixes, zoals van “On My Mind” van Diplo, alsook eigen hitjes als “Bad Company” en het immer leuke “Dopamine” konden de gemoederen goed houden onder de paars gekleurde spots. Purple Disco Machine blijft toegegeven best een krak in zijn vak.
Getdown Services @ Lift
Getdown Services heeft een nieuwe plaat uit, Massive Champion heet die. Alsof ze hun eigen jaar wouden bekronen, kon de titel van die plaat niet toepasselijker zijn voor het festivalseizoen dat de twee biergebuikte heren achter de rug hebben. Kende je ze bij aanvang nog niet, werd hun muzikaal verhaal wel al redelijk snel duidelijk: dodelijk aanstekelijke elektropunk gedopt in oerbrits sarcasme. Zag je hen al aan het werk of passeerden er beelden op je Instagram-feed wist je meteen ook wat te verwachten. Een vollopende Lift werd bij elk nummer enthousiaster, zeker van zodra de t-shirts uitgezwierd werden en de buiken ontbloot in het rond begonnen te zwieren. “Crisps” stak het vuur aan de lont, “The Radiator” ontstak het kruitvat en de onvermijdelijke “Dog Dribble” was de splinterbom die er alweer een onvergetelijke show van maakte voor de Britten. Het was niet de eerste keer dat we ze op dit concours aan het werk zagen, maar telkens verbazen we ons weer aan het feit dat élk publiek uit hun hand eet en de boel op stelten zet. Laat ons dus hopen dat de gimmick nog niet snel uitgewerkt is.
Chat Pile @ Backyard
Pukkelpop koos met Chat Pile een vrij ‘moeilijke’ uitsmijter die het licht van de Backyard mocht uitdoen. Het repertoire van de band is namelijk niet voor gevoelige oren en ook de attitude van de bandleden is niet alledaags te noemen. Neem nu even frontman Raygun Busch; dat is eigenlijk al een geval apart. De frisse temperaturen trotseerde hij zoals zich dat voor een man uit Oklahoma City hoort; zonder shirt of schoenen, maar wel met een overgrote passie voor Jean-Claude Van Damme. Doorheen de set nam Busch ons mee in de volledige filmografie van de Belgische acteerlegende en zo leerden we ook dat JCVD een affaire met Kylie Minogue heeft gehad. Alleen al voor zoveel onnozel palaver was Chat Pile leutig, maar ook met hun nummers zorgden ze voor scherpe oren. Het werd een kabaaluurtje van jewelste waar ook hun aankomende album Who Loves The Sun meermaals in de kijker werd gezet. De opkomst lag dan wel aan de lage kant, maar wie met zoveel hardheid in de laatste uren nog zo verpletterend kan uitpakken is gewoon een sterke band. Alleen jammer dat het einde zo abrupt was, want Busch was nog van zinnens om twee nummers te spelen totdat de stagemanager vrij kordaat de stekker eruit trok.
Kurt Vile & The Violators @ Club
© CPU – Nathan Dobbelaere
We begonnen onze laatste dag rustig aan en op dat tempo sloten we hem ook af, want onze laatste act van Pukkelpop 2026 was Kurt Vile & The Violators in de Club-tent. Met warrig haar, een houthakkershemd en een gitaar onder de arm bracht hij samen met zijn band gitaarmuziek waar geen greintje haast in leek te zitten. En dat pakte toch niet heel geweldig uit. Er zat namelijk totaal geen tempo in de set, iets dat na een dag waarop het programma verder nauwelijks op de rem had gestaan niet bepaald bevorderlijk was voor onze aandachtsspanne. Al snel dwaalden we af, tot we af en toe zelfs vergaten dat er nog een band voor onze neus stond. Dat zegt misschien genoeg over hoe weinig grip Kurt Vile & The Violators op ons wist te krijgen. Mooi was het spel dat ze tijdens onder meer “99 BPM” en “Like Exploding Stones” brachten zeker wel, maar we kunnen niet ontkennen dat het geheel na verloop van tijd toch behoorlijk saai begon aan te voelen en we op een gegeven moment bijna de binnenkant van onze ogen zagen. Om toch nog met een positieve noot af te sluiten: dat kleine powernapje kwam eigenlijk niet eens zo slecht uit, want zo hoefden we tenminste niet met zware oogleden achter het stuur te kruipen.
Fan van de foto’s? Op onze Instagram staan er nog veel meer!
Onze recensie van Tyler, The Creator lees je hier.
Alle recensies van Pukkelpop 2026 lees je hier.
Deze recensies werden geschreven door Lucas Palmans, Simon Meyer-Horn, Simon Vyverman, Tjorven Florin en Robbie Allemeesch.


























