De leesvaardigheid van Nederlandse middelbare scholieren is verder gedaald. Dat blijkt uit het PISA-rapport, een internationaal vergelijkend onderzoek onder vijftienjarigen in 91 landen. Inmiddels scoort 39 procent van de Nederlandse scholieren onder het niveau dat noodzakelijk is om goed te functioneren op school en in de maatschappij. Ze lopen het risico laaggeletterd het onderwijs te verlaten. Bij het vorige PISA-rapport was dit 33 procent.
Het Programme for International Student Assessment (PISA) is een onderzoek onder regie van de OESO, dat om de drie jaar wordt gehouden. Aan deze editie deden wereldwijd zo’n 760.000 scholieren mee, van wie 6.636 in Nederland. Ze werden willekeurig geselecteerd via een steekproef en in het voorjaar van 2025 getoetst. Leerlingen van alle schooltypen deden mee. Bij de PISA-toets ligt de focus niet op wat leerlingen precies leren op school, maar op „de mate waarin zij voorbereid worden om effectief deel te nemen aan de samenleving”, aldus de uitleg in het rapport.
Nederland wordt vergeleken met het gemiddelde van de EU14, een groep van dertien EU-landen plus het Verenigd Koninkrijk die vanaf 2006 aan alle PISA-metingen hebben meegedaan. Voorheen werden de Nederlandse prestaties ook vergeleken met het OESO-gemiddelde, maar dat is nu niet gebeurd omdat die groep volgens de onderzoekers niet constant genoeg is. Toch valt daar wel iets over te zeggen. Op leesvaardigheid scoren 32 van de 91 landen hoger dan Nederland. Singapore staat bovenaan.
In Nederland bestaan al langer zorgen over het leesniveau van leerlingen. Sinds 2015 dalen de PISA-scores hard, niet alleen in Nederland maar ook in de EU14. Evenals de vorige keer scoort alleen Griekenland slechter dan Nederland. Ierland staat bovenaan. Meisjes scoren net als bij vorige PISA-metingen significant hoger op leesvaardigheid dan jongens. Dat is ook zo in andere EU14-landen. Niettemin is ook bij meisjes een daling te zien.
Al in juni heeft staatssecretaris Judith Tielen (Onderwijs, VVD) laten weten dat ze wil dat het onderwijs meer nadruk legt op lezen. In het najaar komt ze met een actieplan. In reactie op het PISA-rapport schrijft ze: „Het is mijn ambitie om de dalende lijn te stoppen en om te buigen. Over drie jaar wil ik betere resultaten zien.” Ze verwacht dat de nieuwe kerndoelen, die voorschrijven wat kinderen moeten leren, hieraan bijdragen. „Die zijn veel concreter en ambitieuzer dan de oude uit 2006.”
Lees ook
Leesvaardigheid verbeteren vergt een lange adem, maar politiek ongeduld groeit

Niet gedaald in wiskunde
Op wiskunde en natuurwetenschappen presteren Nederlandse scholieren ongeveer even goed als drie jaar geleden. Gemiddeld scoren ze wel iets lager dan in 2022, maar het verschil is volgens de onderzoekers niet groot genoeg om te spreken van een daling. Tussen 2018 en 2022 namen de prestaties wel duidelijk af.
Wat wiskunde betreft hoort Nederland Europees gezien nog steeds tot de top, omdat een relatief hoog percentage leerlingen de hoogste scores haalt bij de test. Maar het contrast tussen de sterkste en de zwakste leerlingen is groot: 30 procent haalt voor wiskunde niet het niveau dat volgens PISA nodig is voor de huidige kennissamenleving.
Het PISA-onderzoek heeft niet onderzocht wat de oorzaken zijn van de trends. Wel worden verbanden gelegd en wat mogelijke oorzaken genoemd. Die verrassen niet altijd. Zo halen leerlingen die thuis Nederlands spreken gemiddeld hogere scores op alle drie de onderzochte gebieden dan leerlingen die thuis een andere taal spreken. Ook is het opleidingsniveau van ouders van invloed: hoe hoger, hoe hoger de scores van hun kinderen.
In 2023 noemden de onderzoekers de schoolsluitingen tijdens de coronapandemie een mogelijke verklaring voor de gedaalde prestaties. Nu die zich niet herstellen en de leesvaardigheid verder achteruit is gegaan, vragen ze zich af of ze die invloed hebben overschat.
De onderzoekers denken dat de oorzaken en de oplossingen niet alleen binnen het onderwijs moeten worden gezocht. Ze suggereren dat ook de digitale wereld waarbinnen vijftienjarigen zich moeten kunnen redden een rol kan spelen – vanwege de afleiding door smartphones en sociale media en de invloed van nepnieuws, algoritmes en AI. Uit recent Italiaans onderzoek blijkt dat kinderen die op de basisschool al op sociale media zitten later slechter presteren op wiskunde en taal.
Voor het eerst werden scholieren gevraagd naar hun gebruik van AI tijdens het leren. Een kwart van de Nederlandse vijftienjarigen zegt minimaal één keer per week een AI-chatbot als ChatGPT te gebruiken om teksten samen te vatten en schrijfopdrachten te maken. Over de effecten van AI-gebruik op de leerprestaties van scholieren, is nog weinig bekend, schrijven de onderzoekers.

Middelbare school De Pantarijn in Wageningen, een brugklas.
Foto Dieuwertje Bravenboer
Zoom in
Slecht geïnformeerd over milieu
Bij elk PISA-onderzoek wordt een ander testonderdeel extra belicht. Dit jaar waren dat de natuurwetenschappen. Onderzocht werd onder meer hoe leerlingen aankijken tegen wetenschap en wetenschappelijk onderzoek. Van de scholieren in de EU14-landen vinden de Nederlandse wetenschappelijke kennis en inzichten het minst belangrijk. Bijna de helft is het eens met de stelling: „We zouden meer op ons gezond verstand moeten vertrouwen en minder op wetenschappelijke studies.”
Verder blijken Nederlandse vijftienjarigen minder betrokken bij en minder goed geïnformeerd over milieuproblemen dan vijftienjarigen in andere Europese landen, concluderen de onderzoekers. Een kwart van de Nederlandse scholieren zegt bijvoorbeeld niet te kunnen uitleggen welke gevolgen plasticvervuiling voor het milieu heeft en bijna de helft kan niet toelichten waarom de toename van broeikasgassen in de atmosfeer een probleem vormt.
Nederlandse scholieren blijken van alle 91 deelnemende landen het meest sceptisch over hun eigen rol in het oplossen van milieuproblemen. Een kwart denkt daaraan niets te kunnen bijdragen. De helft is het oneens met de stelling: „Het is belangrijk voor mij om voor het wereldwijde milieu te zorgen.”
Ook de tevredenheid van vijftienjarigen met hun leven wordt bij PISA onderzocht. Die is onder Nederlandse leerlingen behoorlijk groot: ze geven hun leven gemiddeld een 7,6 – het hoogste cijfer in de EU14. In 2022 was dit nog een 7,3.
Lees ook
Leesvaardigheid verbeteren vergt een lange adem, maar politiek ongeduld groeit

Geef cadeau
Deel
Mail de redactie