Sinds 2021 krijgen vrouwen bij een zwangerschapsduur van zo’n dertien weken een echo aangeboden. Dit is geen reguliere zorg, maar vindt plaats in het kader van wetenschappelijk onderzoek, de zogeheten IMITAS-studie. Met de 13 wekenecho kunnen ernstige afwijkingen bij het ongeboren kind worden opgespoord, zoals een open ruggetje, een hartafwijking of een breuk in de buikwand.

Op verzoek van de toenmalige staatssecretaris van Volksgezondheid, Paul Blokhuis, heeft de Gezondheidsraad zich gebogen over de vraag of de voordelen van de prenatale test opwegen tegen de nadelen. Dat is niet het geval, concludeert de commissie in een dinsdag gepubliceerd rapport.

„Er moeten veel echo’s worden gedaan om weinig afwijkingen te vinden”

Dr. Selma Tromp, vicevoorzitter Gezondheidsraad

Aan de ene kant stelt de commissie vast dat met de 13 wekenecho aangeboren afwijkingen in een vroeg stadium kunnen worden opgespoord. Daardoor hebben ouders meer tijd om na te denken over het al dan niet uitdragen van de zwangerschap. Ook kunnen ze zich zo beter voorbereiden op de komst van een kind met een afwijking. „De 13 wekenecho bevordert daarmee de reproductieve autonomie, waar deze prenatale screening ook voor bedoeld is”, aldus de commissie.

Nodeloos ongerust

Tegenover deze „voordelen” staat het nadeel dat de uitslagen niet altijd kloppen. Soms worden afwijkingen gemist. Dat was bijna 1200 keer het geval, op zo’n 130.000 zwangeren die in het eerste jaar van de screening een echo kregen.

Het komt ook voor dat de uitslag een afwijking suggereert, maar dat uit vervolgonderzoek blijkt dat dit loos alarm is. De aanstaande ouders zijn dan voor niets ongerust geweest. In 775 gevallen was vervolgonderzoek achteraf gezien onnodig. Uiteindelijk werd er in 531 gevallen terecht een afwijking geconstateerd.

„De resultaten geven aan dat er veel echo’s moeten worden gedaan om weinig afwijkingen te vinden”, vat vicevoorzitter dr. Selma Tromp van de Gezondheidsraad tijdens een persconferentie samen. „Daarbij komt dat er relatief veel foute uitslagen zijn: bijna vier keer zoveel als correcte uitslagen.”

Tromp kan desgevraagd niet zeggen of de 13 wekenecho vaker leidt tot de keuze om een zwangerschap af te breken ten opzichte van de 20 wekenecho. Volgens haar zijn er wat dat betreft weinig gegevens over de 20 wekenecho, zodat het niet mogelijk is die twee testen met elkaar te vergelijken. Daarnaast komt zwangerschapsafbreking bij de 20 wekenecho niet in beeld als daar bij de 13 wekenecho al voor is gekozen.

„We denken dat we met kleine stappen een flinke verbeterslag kunnen maken”

Prof. Mireille Bekker, hoogleraar verloskunde bij het UMC Utrecht

Verbeterslag

De twee hoofdonderzoekers van de IMITAS-studie, prof. Monique Haak (LUMC) en prof. Mireille Bekker (UMC Utrecht), geven desgevraagd aan niet verrast of teleurgesteld te zijn door het advies van de Gezondheidsraad. Haak: „Wij zijn blij dat de Gezondheidsraad erkent dat de 13 wekenecho een hele positieve kant heeft, namelijk dat deze de reproductieve autonomie van vrouwen vergroot.”

Het advies van de Gezondheidsraad betekent volgens de twee onderzoekers niet dat de 13 wekenecho niet meer wordt aangeboden. Haak: „We hebben een vergunning tot 1 januari 2028 voor dit onderzoek. Dus voor dit najaar en komend jaar blijft de echo gewoon beschikbaar voor elke zwangere vrouw. De minister is nu aan zet om een besluit te nemen over de periode daarna.”

Haak en Bekker hebben goede hoop dat de 13 wekenecho in de toekomst beschikbaar blijft. Bekker: „In het rapport lezen we dat er ruimte is voor verbetering. We denken dat we met kleine stappen een flinke verbeterslag kunnen maken. We zien bijvoorbeeld dat vrouwen vaak worden doorverwezen als de foetus te klein is. Als we daar wat aan doen, heb je de grootste groep van achteraf onterechte verwijzingen te pakken.”

„Dat zwangerschapsafbreking op voorhand als optie wordt gezien, vind ik problematisch”

Prof. Henk Jochemsen, medisch ethicus

Kwaliteitscontrole

Medisch ethicus prof. Henk Jochemsen heeft een „dubbel gevoel” bij de 13 wekenecho. „Prenatale diagnostiek is oorspronkelijk bedoeld om een zwangerschap te begeleiden en zo nodig therapeutisch in te grijpen. Helaas is het doel nu ook om ouders de keuze te geven om een zwangerschap af te breken. Dat dit op voorhand als optie wordt gezien, vind ik problematisch en niet passen binnen de gezondheidszorg.”

In de praktijk komt het systematische aanbod van de 13 wekenecho, al dan niet bedoeld, neer op kwaliteitscontrole van de baby, zegt Jochemsen. „Een kind dat een ernstige aandoening heeft, is daarom niet meer gewenst. Daar gaat de boodschap vanuit dat een leven met een dergelijke aandoening niet wenselijk is.”