AFPMeisjes met een schoolboek in het Bambara (foto uit 2022)

NOS Nieuws•vandaag, 20:20

  • Saskia Houttuin

    correspondent Afrika

  • Saskia Houttuin

    correspondent Afrika

Bambara, fulfulde, tamashek: het is slechts een greep uit de dertien officiële talen van het West-Afrikaanse land Mali. Tot voor kort behoorde het Frans, de taal van de voormalige kolonisator, ook tot dat rijtje. Maar met de invoering van een nieuwe grondwet kwam daar in 2023 een einde aan.

Toch is de Franse taal nog alom aanwezig: in de politiek, in het zakenleven en ook in het onderwijs. Hoewel thuis vooral Malinese talen worden gesproken, leren kinderen op school nog altijd lezen en schrijven in het Frans. Dat moet veranderen, zeggen de Malinese machthebbers. Kunstmatige intelligentie kan daarbij helpen.

In een klaslokaal aan de rand van de hoofdstad Bamako is het muisstil als Mamadou Dembele het woord neemt. Lopend tussen rijen van houten schoolbankjes legt hij een twintigtal leerlingen uit waarom hij vandaag voor de klas staat: ze gaan verhalen lezen in het Bambara, de meest gesproken taal in Mali.

Frans blijft dominant

“Voor het eerst”, zegt Clarisse Yasségué Togo (13). “Het is fijn dat we dit nu leren. Het helpt ons om beter met vrienden te kunnen praten, want op school spreken we alleen maar Frans.”

Dat geldt voor de meeste scholen in Mali, waar Frans nog altijd de dominante taal is. “Deze kinderen hebben allemaal al leren lezen en schrijven”, legt Dembele uit. “Maar in het Bambara doen ze dat vandaag voor het eerst.”

NOSLeerlingen bij hun Bambara-les in de klas van Dembele

Dembele werkt voor RobotsMali, dat is gericht op onder meer innovatie en ontwikkeling van kunstmatige intelligentie. De afgelopen jaren heeft de organisatie meer dan honderd verhalen in lokale talen vervaardigd, met behulp van verschillende AI-programma’s. Dat is nodig, zegt de organisatie, omdat vrijwel alle kinderboeken in Mali nog Franstalig zijn.

Nadat Mali van Frankrijk onafhankelijk was geworden, in 1960, zijn er al meerdere pogingen gedaan om het Franstalige onderwijs te vervangen door talen zoals het Bambara. Dat mislukte keer op keer, vooral vanwege een tekort aan middelen en een gebrek aan politieke wil.

Maar de relatie met Frankrijk is in de afgelopen jaren drastisch veranderd. In 2020 greep een junta de macht, in 2021 volgde een tweede staatsgreep. Van de banden met Frankrijk bleef weinig over: de militaire antiterreurmissie Barkhane onder leiding van Frankrijk werd opgedoekt, Franse televisie- en radiozenders gingen op zwart.

Hoewel het schrappen van het Frans als nationale taal vooral een symbolische zet lijkt, wordt die ook gezien als een nieuwe poging om langzaamaan de taal van de oude koloniale machthebbers op een zijspoor te zetten.

Van ChatGPT tot Leonardo

RobotsMali zet programma’s als ChatGPT en Claude in om de verhalen te schrijven, onder toeziend oog van auteurs die waar nodig aanpassingen maken. Vertalen gebeurt met behulp van Google Translate; bijpassende plaatjes worden gemaakt met beeldgeneratoren zoals Leonardo.

NOSScreenshot van een lesverhaal in het Bambara, dat met hulp van AI is gemaakt

“De verhalen zijn geïllustreerd”, knikt Dembele. “Dat helpt om de link te leggen tussen woorden en beelden.” Op een laptop scrolt hij langs de verhalen die de scholieren vandaag krijgen voorgeschoteld: van traditionele sprookjes tot meer eigentijdse verhalen over de oorlog in het land.

Eén voor één lezen de leerlingen hardop voor. De eerste paar zinnen gaan nog met horten en stoten. Maar al snel krijgen ze het ritme te pakken. “Op straat praten we altijd in het Bambara,” zegt Abdoul Jabour Bengoly (15). “Dus het is belangrijk dat we die taal goed leren.”

Nog belangrijker is het voor kinderen die bijvoorbeeld vanwege in de oorlog in het land moeilijkheden hebben om naar school te gaan. Meer dan de helft van de Malinezen kan niet lezen of schrijven. Door nationale talen voorop te stellen wordt de drempel lager, zegt Dembele. “Ik denk dat het ons land enorm vooruit kan helpen.”