Hebben we in Nederland net de ontmaskering achter de rug van gezondheidsgoeroe Wim ‘Iceman’ Hof, of in Amerika volgt de postume sloop van de wereldberoemde neuroloog Oliver Sacks (1933-2015). Talrijke goedgelovige wetenschappers worden meegesleurd in zijn val.
Sacks was sinds de jaren zeventig een bestsellerauteur met boeken als Awakenings, The Man Who Mistook His Wife for a Hat en A leg to stand on. Ik heb ze nog in de kast staan, al viel me nu wel op dat ik geen enkel boek heb uitgelezen. Niet uit ongeloof overigens, eerder door de afmattende opeenstapeling van al die psychiatrische ziektegevallen.
Dat Sacks een medische sprookjesverteller was, kwam niet bij je op. Hij kreeg vanuit medische kringen juist veel bijval, al was er ook altijd wel kritiek. In The London Review of Books werden enkele van zijn boeken al meteen vernietigend besproken. Tegen de Volkskrant zei Sacks in 1988: „Ik was van die eerste recensie werkelijk kapot. Ik kreeg geen pen meer op papier tot hetzelfde boek lovend werd besproken in The New York Review of Books.”
‘Het schuldgevoel is veel sterker geworden vanwege mijn leugens’
Over het algemeen overheerste het respect voor zijn werk en kon hij uitgroeien tot een internationaal erkende wetenschapper. Van die reputatie zal weinig overblijven dankzij het onthullende artikel deze maand van Rachel Aviv in het tijdschrift The New Yorker. Zij kreeg inzage in allerlei brieven en dagboeken van Sacks, waaruit bleek dat hij met een zeker schuldgevoel terugkeek op zijn praktijken als schrijver.
Hij besefte dat hij vaak zijn eigen psychische conflicten op het leven van zijn patiënten had geprojecteerd. Zijn grootste conflict, voeg ik eraan toe, was misschien wel zijn merkwaardige, bijna levenslange onderdrukking van zijn homoseksualiteit. Opmerkelijk detail: hij placht zijn opgewonden penis af te koelen „door hem in sinaasappelgelei te leggen”.
Hij gaf zijn patiënten „een deel van mijn eigen krachten, en ook een deel van mijn fantasieën”. Hij erkende: „Ik schrijf symbolische versies van mezelf op.” In een dagboek uit 1985 bekent hij dat „er een gevoel van afschuwelijke misdaad (psychologisch)” aan zijn werk kleeft. Hij had zijn patiënten „krachten toegedicht die ze niet bezitten”. Sommige details, erkende hij, waren „pure verzinsels”.
In een brief aan een broer noemt hij The Man Who Mistook His Wife for a Hat een boek met „sprookjes”. „Deze vreemde verhalen – half verslag, half verzonnen, half wetenschap, half fabel, maar met een eigen authentieke stijl – zijn in feite wat ik doe om MIJN demonen van verveling, eenzaamheid en wanhoop op afstand te houden.”
Later constateert hij in zijn dagboek: „Het schuldgevoel is sinds ‘Hat’ veel sterker geworden vanwege (onder andere) mijn leugens, vervalsing.”
Hier is hij de bedrieger die zijn eigen bedrog verfoeit, al deed hij dat nooit in het openbaar. Hij betaalde er een hoge prijs voor. „Het maakt me kapot, het sloopt me”, schreef hij elders. „Mijn personages (want dat zijn ze geworden) krijgen een bijna Dickens-achtige kwaliteit.”
Aviv geeft tal van voorbeelden waar Sacks in zijn ziektegeschiedenissen een loopje neemt met de werkelijkheid. Ik vermoed dat ik al die boeken nooit meer ga uitlezen, als ik ze al bewaar.
Geef cadeau
Deel
Mail de redactie
NIEUW: Geef dit artikel cadeau
Als NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
De journalistieke principes van NRC