De Surinaamse rechterlijke macht heeft volgens advocaat Gerold Sewcharan dringend behoefte aan diepgaande hervormingen. Het Openbaar Ministerie (OM) schiet naar zijn oordeel op meerdere fronten tekort, waardoor zowel de aanpak van zware criminaliteit als de behandeling van complexe juridische dossiers onder druk staat. Verandering is volgens hem noodzakelijk, maar moet zorgvuldig en principieel worden doorgevoerd.
Pleidooi voor meerdere procureurs-generaal
Sewcharan is een uitgesproken voorstander van een meerkoppige leiding van het Openbaar Ministerie. Concreet pleit hij voor meerdere procureurs-generaal, bij voorkeur in een oneven samenstelling. Hij denkt daarbij aan drie, en zo mogelijk vijf pg’s. Een dergelijke structuur zou volgens hem zorgen voor betere afwegingen, meer deskundigheid en minder kwetsbaarheid in de besluitvorming. “Het OM is te belangrijk om afhankelijk te zijn van één persoon,” zegt Sewcharan in ABC Actueel.
In de initiatiefwetsvoorstellen wordt voorgesteld om de maximale leeftijd van de procureur-generaal terug te brengen van 70 naar 65 jaar. Sewcharan plaatst daar kritische kanttekeningen bij en wil weten welke inhoudelijke argumenten hieraan ten grondslag liggen. Volgens hem mag een dergelijke wetswijziging nooit worden gebruikt als middel om de huidige procureur-generaal te vervangen.
Het inzetten van wetgeving om Gracia Paragsingh buitenspel te zetten, noemt Sewcharan een kwalijke zaak. Hij waarschuwt dat dit het vertrouwen in de rechtsstaat kan ondermijnen en afbreuk doet aan de onafhankelijkheid van het Openbaar Ministerie.
Derde rechtsinstantie, maar geen buitenlandse aansluiting
Volgens Sewcharan is het daarnaast noodzakelijk dat Suriname beschikt over een derde rechtsinstantie. Aansluiting bij het Caribbean Court of Justice (CCJ) ziet hij echter niet als een haalbare optie, omdat het Surinaamse rechtstelsel wezenlijk verschilt van dat van andere Caribische landen. Ook aansluiting bij de Hoge Raad der Nederlanden wijst hij af.
In plaats daarvan pleit de advocaat voor de ontwikkeling van een eigen Surinaamse hoogste rechtsinstantie, gebaseerd op een autonoom nationaal rechtssysteem. Daarmee zou Suriname zijn rechtsontwikkeling in eigen hand houden en beter kunnen inspelen op de lokale context.