Elkaar ontmoeten in de verbeelding
Coen Verbraak merkt op dat het geluid in de koptelefoon altijd erg hard staat als Spits er voor hem heeft gezeten. Dat heeft een reden: “Het geluid zorgt dat ik een huis binnenkom, waar het goed toeven is. Ik ben daar heel graag. Als het geluid hard genoeg is, ben ik doof voor de wereld daarbuiten. Het is een huis waarin het prettig is om te zijn.” Voor Spits is verbeelding het element van radio waar het hem altijd om ging: “Bij radio hebben de luisteraar en ik als presentator een ander beeld. En we ontmoeten elkaar, de luisteraar en ik, juist in dat gebied waarvan we niet precies weten hoe het eruit ziet.”
Een mooiere wereld
Radio maken is voor Spits ook vaak een ontsnapping geweest van alle narigheid in de wereld. “Ik heb altijd geprobeerd in mijn programma’s door te laten klinken dat er een mooiere wereld kan bestaan. Ik wil vanuit die positieve grondhouding programma’s maken. De mensen hebben al ellende genoeg.”
Het heeft van Spits een gelukkiger mens gemaakt, vertelt hij. ” Ik heb zo veel gekregen van de radio. Ik ben heel dankbaar voor wat ik heb mogen meemaken en tevreden over wat ik gedaan heb.” Wat hoopt hij dat mensen over tien jaar zeggen over hem? “Die man hield van wat hij deed.”