Het is in de geschiedenis van Westerbork slechts zeven keer voorgekomen: de beroemde en beruchte Potten- en Pannenrace. Van een speciaal door vrijwilligers gebouwde ijsschans in het dorp glijden deelnemers naar beneden. De traditie zorgt voor veel plezier.

“In 1979 was de eerste keer. Daarna is het niet ieder jaar geweest”, zegt een blije Wilfred Zeewuster van de organisatie, wijzend op de laatste editie in 2010. “Het is uniek dat het er weer is, echt een superevenement weer!”

In de meest uiteenlopende outfits verschijnen 75 deelnemers aan de start. Van lederhosen tot glitterpakken, het kan de deelnemers niet gek genoeg. De een kiest een vergiet, de ander een enorme soeppan of juist klein steelpannetje met pijnlijke bibs tot gevolg. Het mag de pret niet drukken.

In de middag is er onder de deelnemers maar een die het lukt om de bel aan het einde van het parcours te luiden. Dat Tamara Gils-Boer. “Hartstikke leuk”, lacht ze. “Maar ik hoop dat er nog meer volgen die het lukt.”

Ze gaat de schans af in een oude koekenpan van haar vader. Een van groot formaat waar in het verleden zelfs twee mensen op zaten. De pan heeft de 16 jaar van afwezigheid van het evenement doorstaan. “Toen ik hoorde van dit evenement dacht ik meteen: daar moet ik aan meedoen. En misschien dacht mijn vader dat nog wel meer die de pan destijds (red.) maakte. Die had hem al onder het stof vandaan gehaald voordat ik me überhaupt had opgegeven.”

De tekst gaat door onder de video