Renee Good uit Minneapolis werd met een vuurwapen gedood door een werknemer van het racistische doodseskader ICE. Zowel de Amerikaanse president en vice-president als de minister van Binnenlandse Veiligheid van de VS bekrachtigden de schietpartij als een geoorloofde executie. Dichter Amanda Gorman, die in 2017 de eerste National Youth Poet Laureate was van de VS, deed het omgekeerde. Zij laakte de moord als misdaad via het treurdicht ‘Killing of Renee Good’.
Gorman attaqueert de vulgaire reactie van de MAGA-macht met woede. Ze schiet niet met scherp, maar met bloemen en gezangen: Dark fury of flowers, / Pure howling of hymns. Daar kunnen zij van MAGA niks mee, en zij kan niks met moord.
Een dichter kan hooguit ondermijnen. Maar doorgaan, niet opgeven, dat kan, en met velen. En: In the end, gorgeously, / Endures our enormity.
Amanda Gorman doet haar titel eer aan, ze pakt haar macht, parachuteert haar invloed. Ik reken op de nieuwe Dichter der Nederlanden. Stinken politici uit hun muil, pák ze, Nisrine Mbarki Ben Ayad.
Dat is zo makkelijk niet, want er groeit voor de kunsten een bevel om lief te zijn. Bespaar je publiek ongemak, onthoud je van enge, kwetsende, zedeloze dingen. Het wil zich niet ‘onveilig’ voelen. Gun het liever hap, zoet, slik. Buikje warm, buikje rond. En er wordt geleverd. Zo wordt er nu collectief gezwijmeld bij het aangeharkte sentiment van de film Hamnet. In een schoongeschrobde versie van de middeleeuwen drentelt William Shakespeare (och wat een aardige man) rond. Zijn mystieke echtgenote bevalt in het bos. Zonder bloed of navelstreng, maar de plaatjes zijn beeldig. D’r is wat leed in de film, en tot slot worden alle mensen broeders, bij de oerpremière van Shakespeares Hamlet. Cirkel. Rond. Pfff.

Charlotte Mutsaers tijdens het interview bij Omroep Max.
Foto NPO
Zoom in
Vind je dat prachtig: huil vooral. Maar geef mij maar de schrijfster Charlotte Mutsaers. Ze heeft een nieuw boek, het heet Moet dwalen en een radioprogramma nodigde haar uit voor een vraaggesprek. Van Mutsaers wordt verwacht dat ze leuk doet en haar boek promoot. Doet ze niet. Ze geeft niet haar boek prijs en beantwoordt de, algemene, vragen met „ja”, „nee”, of: „waarom vraag je dat, dat staat in mijn boek”. Heel ongemakkelijk (pendant voor ‘onveilig’) voor de luisteraar.
Maar wacht. Helemaal op het einde tijdens de slotmuziek wordt gevraagd naar het kinderlied ’k Moet dwalen. Daar kan ze iets mee. Nu zingt Mutsaers het en ze onderbreekt zichzelf even, wijzend op de regel ‘daar komt een kleine springer in het veld’. „Da’s een mooi moment”, zegt ze. Ze zingt verder: ‘die zwaait er met zijn hoed…’. De rest van het liedje valt weg, maar ze is duidelijk: zij is die kleine springer, die ‘zwaait met zijn hoed’ en ‘stampt met zijn voet’. Ik ken het einde van het liedje: ‘kom laten wij nu dansen gaan / en de anderen moeten blijven staan’. Of blijven zitten, met hun vraagjes.
Lees ook het interview met Charlotte Mutsaers in NRC
Charlotte Mutsaers: ‘Mijn hoge leeftijd bezorgt me weleens angst, want ik wil mijn hond per se overleven’

Geef cadeau
Deel
Mail de redactie
De journalistieke principes van NRC