Donderdag is de samenwerking tussen Red Bull en Ford officieel afgetrapt met de launch in Detroit – de bakermat van Ford – al was dat vooral symbolisch. Achter de schermen is er al vier jaren gewerkt op de Red Bull Campus in Milton Keynes aan het eigen motorenproject. Laurent Mekies noemde het in de goede zin van het woord krankzinnig dat een energiedrankenfabrikant de uitdaging aangaat om eigen F1-motoren te bouwen, al blijkt het idee bij nader inzien niet helemaal uit de lucht gegrepen. Sterker nog: het is twee decennia geleden al eens op de burelen van Dietrich Mateschitz beland en besproken.
“Ik kan me nog herinneren dat, toen ik bij het team zat, ik ze al aanmoedigde om Cosworth over te nemen en eigen motoren te maken”, blikt David Coulthard terug op Red Bulls eerste idee om zelf de motoren te doen. “We waren eerst klant van Ford, toen van Ferrari en daarna Renault. Maar het zijn van een klant sucks. Ik had natuurlijk ervaring bij de fabrieksteams van Renault en McLaren-Mercedes en ik had het gevoel dat we als klantenteam altijd een handicap zouden hebben. Toen het concern Toro Rosso kocht, had ik zoiets ‘wacht even, het is al lastig genoeg om met één team te winnen, dus hoe gaan we dat met twee doen?’ Ik zei twintig jaar geleden al dat ze hun eigen motor moesten maken!”, lacht de Schot.
“Je wilt het lot in eigen hand hebben en niet afhankelijk zijn van anderen. Het team heeft dat nu voor honderd procent. Natuurlijk zal dat uitdagend zijn en misschien werkt het in het begin nog niet helemaal. In het begin werkte het eigen Formule 1-team ook nog niet. Maar kijk nu eens. Uiteindelijk werkte het wel en Red Bull heeft de commitment, de middelen en de mensen om dit op lange termijn te laten werken.”
De kern van Coulthards verhaal is precies wat Christian Horner – één van de grootste aanjagers van het project – steevast heeft benadrukt: alles onder één dak maken zal op termijn voordelen opleveren, vooral met de integratie van de power unit in het chassis. Bovendien wilde Red Bull na een frustrerend einde met Renault en het plotselinge besluit van Honda om eind 2021 formeel te stoppen met de Formule 1 niet nogmaals afhankelijk zijn.
Op eigen benen staan klinkt leuk, maar er kwam in de praktijk veel meer bij kijken dan enkel het ontwikkelen van een zo competitief mogelijke motor. De eerste stap voor Red Bull was het opbouwen van een motorenfaciliteit in Milton Keynes, en simultaan daaraan het vinden van capabele mensen. Het werk aan het Jochen Rindt-gebouw, de officiële naam van de motorenhal, is begin 2022 in gang gezet. De faciliteit is aan de andere kant van de weg tegenover MK7 te vinden. Binnen komen de bezoekers in ‘Brodie’s Boulevard’, een gang die is vernoemd naar Steve Brodie – een geblokte werknemer die in augustus 2021 als één van de eersten is overgekomen van Mercedes en een belangrijke rol heeft gespeeld bij het inrichten van de Powertrains-faciliteit. In die gang prijkt ook een interne verbrandingsmotor, de V6 van de allereerste fire-up in augustus 2022. Het is een moment dat Mateschitz vlak voor zijn overlijden nog heeft kunnen meemaken.
Tegelijk met het opbouwen van deze faciliteit, moest Red Bull logischerwijs een partner vinden – zowel om het project deels te bekostigen en idealiter ook voor extra knowhow. Porsche was plan A, maar na het stuklopen van die gesprekken, twijfelde Ford Performance-directeur Mark Rushbrook geen moment en stuurde Horner naar eigen zeggen simpelweg een mailtje met de vraag: ‘”Hey, Ford is geïnteresseerd. Wil je misschien met ons praten?” Zo geschiedde en niet veel later zijn de handtekeningen gezet.
Lees meer:
Van vijf pioniers tot zevenhonderd werknemers
Op dat moment was Red Bull Powertrains-directeur Ben Hodgkinson al bijna een jaar bezig met het uittekenen van het project. De Brit werd in april 2021 aangekondigd als de leider van Red Bulls ambitieuze plannen, waarvoor hij net als velen – volgens Horners berekeningen zelfs 220 in totaal, al lijken zijn berekeningen aardig ambitieus – overkwam van Mercedes High Performance Powertains. Bijna vijf jaar later grinnikt Hodginkson voorafgaand aan de launch in Detroit: “Laten we er niet omheen draaien, ik heb deze baan waarschijnlijk gekregen door het succes van een ander team!”, duidt hij op de dominantie van Mercedes sinds 2014 en zijn rol daarin.
Hodgkinson voelde zich aangetrokken tot het idee om iets vanaf nul op te bouwen. “Toen mij deze kans werd geboden, hield ik enorm van het idee dat het een leeg vel papier zou zijn – niet alleen wat betreft de motor, maar ook het bedrijf als geheel. We konden het volledig opbouwen zoals wij dachten dat goed zou zijn op basis van het reglement. Dat was natuurlijk een fantastische kans en daar moest ik mijn voordeel mee doen.” Maar er bleek ook een keerzijde: “Iets vanaf nul opbouwen is slechts een kort zinnetje, maar het duurde een poosje voordat mij duidelijk werd wat de omvang van de uitdaging zou zijn en wat het in de praktijk allemaal betekende”, laat Hodgkinson na een vraag van Motorsport.com weten.
“Nu werken er zevenhonderd mensen op de motorenafdeling en om die in korte tijd te vinden, was een enorme uitdaging. We begonnen met vijf mensen in een klein kantoortje, zelfs nog voordat de fabriek was gebouwd.” Daarna zijn er in sneltreinvaart mensen bijeen gebracht van Red Bull, Honda, Mercedes en ook andere bedrijven zoals AVL. Het dagelijkse werk voelde voor Hodgkinson als een start-up. “Iedere week begonnen er weer twintig nieuwe mensen, dus de rollen en verantwoordelijkheden verschoven van week tot week. De ene week was één persoon nog dingen aan het ontwerpen, bestellen en in elkaar aan het zitten. Maar de week daarop begon degene die het eigenlijk in elkaar moest zetten, waardoor die eerste persoon daarmee stopte. Zo was het bedrijf continu in ontwikkeling.”
Foto door: Red Bull Content Pool
Rushbrook heeft daarnaast nog een andere complicatie benoemd: alle mensen met verschillende achtergronden samenbrengen en zo efficiënt mogelijk laten samenwerken. Bij bestaande fabrikanten stond de bedrijfsstructuur en -cultuur al, maar bij Red Bull moest daar hard aan worden gewerkt onder leiding van Hodgkinson. “We probeerden ons aan te passen aan de Red Bull-cultuur en we probeerden alles uit de kennis van verschillende mensen te halen. We moesten het beste uit allerlei werelden zien te krijgen. Juist doordat de groep zo divers is, hebben we ons volgens mij snel kunnen ontwikkelen.”
“Er was trouwens ook nog een andere factor. Als dit bewust zou zijn, dan zou het geniaal zijn, maar eerlijk gezegd is het gewoon toeval: als je een heel gedurfd en ambitieus project opzet, dan trekt dat ook gedurfde en ambitieuze mensen aan. Alle mensen die wat voorzichtiger zijn en denken ‘nou, dat is nogal riskant’, die blijven waar ze zaten. De mensen die de stap wel durfden te zetten, passen perfect bij de cultuur van Red Bull en dat is goed gebleken voor de innovatiesnelheid. Al met al zijn het vier spannende en intense jaren geweest.”
Kan een nieuwkomer meteen competitief zijn?
Op technisch vlak is Red Bull – zoals de fire-up in augustus 2022 al aantoont – eerst begonnen met de interne verbrandingsmotor. De ‘build shop’ is daarvoor in twee helften verdeeld: de ene helft voor een V6, de andere helft voor een enkele cilinder. Die opzet heeft alles te maken de ontwikkelingstijd en het budgetplafond. Nieuwe vondsten testen met een enkele cilinder is sneller en goedkoper dan met een V6, waardoor veranderingen pas op een volledige V6 zijn getest nadat ze werkten op een enkele cilinder.
De algehele aanpak verschilt op het eerste oog iets van Honda, waarbij Koji Watanabe heeft uitgelegd dat het Japanse merk zich in eerste instantie juist op de elektrische componenten heeft gericht. Beide aanpakken zijn echter logisch vanuit de verschillende achtergronden, aangezien Red Bull de motorenfaciliteit vanaf nul moest opbouwen en beginnen met de ICE dan logisch is. Doordat het reglement voor de interne verbrandingsmotor – op zaken als de compressieverhouding en duurzame brandstoffen na – niet extreem is veranderd, zette Honda initieel meer in op andere facetten.
De hamvraag luidt natuurlijk hoe competitief Red Bull na dit opbouwproces van vier jaren kan zijn. Het is een vraag die Hodgkinson ook nog niet kan beantwoorden, al gebruikt hij er wel een aardige metafoor voor. “Je weet nooit waar je staat. Ik zeg tegen onze teamleden vaak dat het is als 400 meter hardlopen. Ik kies vaak voor 400 meter, aangezien dat een sprint is en dit ook als een sprint voelt. Maar je loopt die wedstrijd helemaal alleen in een stadion zonder publiek en in een heel ander land dan alle concurrenten.” Hodgkinson geeft ermee aan dat Red Bull Powertrains – net zoals in de hardloopmetafoor – geen idee heeft wat andere merken doen. “En dus is het enige wat je kunt doen zelf zo hard mogelijk lopen.”
In dat opzicht denkt Hodgkinson dat Red Bull Powertrains er bij het ingaan van het eerste seizoen zo goed voor staat als dat mogelijk is. “Ik heb natuurlijk veel ervaring als het gaat om het ontwikkelen van motoren en doe dit al sinds het V10-tijdperk. In dat opzicht weet ik hoe een goed bedrijf eruitziet en heb ik hier de kans gekregen om de perfecte power unit-fabrikant op te bouwen. Red Bull is enorm ondersteunend geweest, waardoor ik veel vertrouwen heb in onze faciliteiten. Ik denk ook dat we fantastische mensen hebben, dus we hebben alle ingrediënten. Of dat meteen een maaltijd zoals in een Michelin-restaurant oplevert, moeten we afwachten”, lacht hij. “Dat gaan we vanzelf zien, maar ik heb in ieder geval het vertrouwen dat we het juiste bedrijf hebben opgebouwd en dat we de juiste mensen hebben. Maar ja, vertrouwen is vaak iets voor iemand die op het punt staat om te verliezen!”, sluit hij met een grap af. “Maar goed, ik heb vertrouwen in wat we de afgelopen jaren hebben gedaan en meer kan ik niet zeggen.”
Video: Een extra aflevering van de F1-update over de Red Bull-launch en ophef over een vermeende motorentruc
We willen jouw mening!
Wat zou jij graag willen zien op Motorsport.com?
Doe mee aan onze 5 minuten durende enquête.
– Het Motorsport.com-team