RTV Drenthe
NOS Sport•vandaag, 15:02
“Ik ben van nature een twijfelaar”, vertelt dammer Wouter Sipma. Geen handige karaktereigenschap als je 52 tegenstanders tegelijkertijd wil verslaan en soms maar enkele seconden bedenktijd hebt. Toch slaagde hij erin het wereldrecord kloksimultaandammen te verbeteren.
De Drentse damgrootmeester nam afgelopen zondag in Assen het record over van Martijn van IJzendoorn, zijn teamgenoot bij het Nederlands team. Die speelde twee jaar geleden tegen 50 opponenten. “Ik heb het record altijd in mijn achterhoofd gehad. Het is leuk om elkaar als collega’s te blijven pushen en te kijken hoe ver we dit record kunnen brengen.”
52 tegenstanders zaten klaar in het atrium van RTV Drenthe, dat live verslag deed van de poging, om het Sipma moeilijk te maken. “Het is wel even wat anders als drie camera’s je constant volgen.” Om het wereldrecord op zijn naam te krijgen, moest Sipma ruim zeventig procent van het maximale aantal punten binnenhalen.
Wat is kloksimultaandammen?
Bij het kloksimultaandammen speelt één speler tegelijkertijd tegen meerdere tegenstanders, die elk een eigen bord hebben. De bedenktijd per partij wordt bijgehouden met een damklok.
Sipma speelde 52 partijen en kon daarmee maximaal 104 punten verdienen. Een winstpartij levert twee punten op, remise één. Volgens de regels van de werelddambond moet een speler voor het wereldrecord meer dan 70 procent van de te behalen punten binnenslepen, wat in dit geval gelijkstond aan 73 punten.
Sipma voldeed precies aan die limiet: hij won 25 partijen, speelde 23 keer remise en verloor 4 keer.
Bij 73 punten zou de recordpoging geslaagd zijn, maar van een leien dakje ging het niet voor Sipma. “Het ging maar zo, zo. Ik merkte dat ik niet superscherp was. Maar ik ben blijven proberen. Als het niet gaat zoals het moet, dan moet het maar zoals het gaat.”
Uitputtingsslag
Sipma wilde niet aan opgeven denken, al had hij tijdens de bijna zes uur durende uitputtingsslag soms twijfel over een goede afloop. “Bij mijn damclub Hijken DTC wordt veel georganiseerd en de vraag was: wat zullen we nu weer eens doen? Daar kwam deze wereldrecordpoging uit voort. Je wil niet dat alle moeite die de vrijwilligers erin hebben gestoken voor niks is geweest.”
Die vrijwilligers hebben onder meer de 52 tegenstanders bij elkaar gezocht, die gemiddeld een rating van 1950 punten moesten hebben. “Met 2371 heb ik zelf flink meer. Een-op-een zou ik van de meesten wel moeten winnen, maar dit is een heel andere discipline.”
Tijdnood
De grote uitdagingen zijn het snelle schakelen en overzicht houden. “Je moet de borden, de stand, maar ook de klokken in de gaten houden.” Per bord hebben de dammers twee uur de tijd om tot vijftig zetten te komen. “Twee spelers gingen heel snel en brachten me al rap in tijdnood. Dus ik moest er wel aan denken, om tussendoor vaker naar die borden te lopen.”
RTV Drenthe
Na bijna twee uur spelen haalde Sipma de eerste zege binnen, maar daarna volgden ook tegenslagen. In zijn partij tegen Gerrit Misker ging Sipma in de fout. “Hij zag iets over het hoofd, het was echt een gelukje,” zei Misker later bij RTV Drenthe.
Stressvol einde
Sipma: “In het begin moet je zo snel mogelijk spelen. De belangrijkste zetten zitten tussen de 40ste en 50ste, dat zijn de beslissende momenten. Dan wil je tijd overhebben. Uiteindelijk was het veld wat uitgedund en kon ik wat langer nadenken.”
Toch werd het nog erg spannend. “Ik had nog twee tegenstanders over en wist dat ik beide partijen moest winnen om het te halen. Behoorlijk stressvol.”
Uiteindelijk stak ook de laatste tegenstander zijn hand uit om Sipma te feliciteren en de grootmeester hief vervolgens zijn armen in de lucht. “Ik wist de hele tijd dat ik op het randje zat van die zeventig procent. Het ging niet zo als gepland.”
Fysiek fit
Een dag later komt Sipma bij en leest hij de vele berichten met felicitaties die hij binnen kreeg. “Ik had geen stappenteller om, maar ik heb flink wat gelopen langs de tafel. Toch zeker een paar kilometer.”
Extra getraind voor deze wereldrecordpoging heeft de geboren Drent niet. Als voltijds professioneel dammer met een A-status van NOC*NSF nam hij zijn lichamelijke conditie altijd al serieus. “Het is voor iedere professionele dammer belangrijk om fysiek fit te zijn. Een WK kan drie tot vier weken duren en dat moet je wel kunnen volhouden. Ik werk al langer met een personal trainer en met het Nederlands team trainen we ook regelmatig op Papendal, dus de basisconditie is in orde.”
Te lage tafel
Wel deed Sipma twee oefenrondes kloksimultaandammen tegen een kleiner aantal tegenstanders. “Handig om te weten waar je tegenaan loopt en om het tempo in de vingers te krijgen. Nu ik terugkijk, zou ik eigenlijk alleen de hoogte van de tafels veranderen. Die waren toch wat laag en ik ben lang, dus dat was niet super voor mijn rug.”