Aan het eind van het derde kwartaal bezaten particuliere investeerders in de vier grote steden 78.400 woningen. Dat zijn er 12.500 minder dan twee jaar geleden, meldt het Kadaster woensdag in zijn kwartaalrapport over de private huursector.
Amsterdam viel het meeste op. Het aantal particuliere huurwoningen daalde daar naar 6,2 procent. In 2023 was dat nog 7,4 procent. Dat zijn ongeveer 5.000 woningen minder in twee jaar.
In heel Nederland verkochten investeerders in het derde kwartaal ruim 15.800 woningen. Dat is 37% meer dan een jaar eerder. Meer dan de helft van de verkochte woningen ging naar eigenaar-bewoners, de rest ging naar andere investeerders. Die kopen tegenwoordig ook vaak huurwoningen op om ze op termijn als koopwoning te gelde te maken.
Woonminister Mona Keijzer wil huurwet ondanks verzet Kamer versoepelen: ’Noodzaak om verhuurders tegemoet te komen’
Het CBS maakt onderscheid tussen bedrijfsmatige investeerders (zoals pensioenfondsen en verzekeraars) en particuliere investeerders. Particulieren verkochten de afgelopen vier kwartalen 17.000 meer woningen aan eigenaar-bewoners dan dat zij van hen kochten. Voor bedrijfsmatige investeerders was dit verschil 9.000 woningen. Beleggers kampen met grotere risico’s en lagere of zelfs negatieve rendementen door het verbod op tijdelijke huurcontracten en de invoering van maximumhuren in het middensegment.
Investeerders voegen ook woningen toe door nieuwbouw, maar voorlopig te weinig om de verkoopgolf van huurwoningen op te vangen. Het aantal woningen in bezit van investeerders daalt namelijk, constateert het Kadaster. Eind september bezaten zij 9,1 procent van alle woningen. Dat was 9,3 procent in 2024 en 9,4 procent in 2023. Zij bezitten nu nog ongeveer 758.300 woningen.
Reactie vastgoedbeleggers
Vastgoed Belang, de branchevereniging voor de private verhuurmarkt, constateert in een reactie op de Kadastercijfers dat woningzoekenden steeds verder in de knel komen. De organisatie roept de politiek op tot versoepeling van de middenhuurwet en verlichting van fiscale druk.
Uit een analyse van de nieuwste cijfers door Vastgoed Belang blijkt dat tussen het vierde kwartaal van 2024 en het derde kwartaal van 2025 38.580 huurwoningen zijn omgezet in koopwoningen. Dat is volgens de organisatie 42 procent meer dan in dezelfde periode een jaar eerder, toen er 27.150 woningen werden uitgepond. Het is zelfs 2,4 keer zo hoog als twee jaar daarvoor, toen het aantal aan eigenaar-bewoners verkochte woningen op 16.250 lag.
Negatieve rendementen
Er zijn ook steeds minder particulieren met een tweede woning, want daarvan worden er fors meer verkocht dan gekocht. In het derde kwartaal verkochten particulieren per saldo 2000 tweede woningen die waarschijnlijk gebruikt werden als huurwoning. De voorraad tweede woningen daalde naar 177.200. Een jaar eerder waren dat er nog 180.700. Uit gezamenlijk onderzoek van Kadaster en CBS is bekend dat ongeveer 70% van deze woningen werd verhuurd.
Studentenhuizen massaal gedumpt door verhuurders: ’In dit tempo snel 45.000 minder kamers’
Tegenover het krimpende huuraanbod staat een ruimer aanbod voor huizenkopers, met name in het goedkopere segment. In het derde kwartaal betaalden ze gemiddeld 384.000 euro voor een woning die zij kochten van een investeerder. Dit terwijl een ’normale’ koopwoning gemiddeld 511.000 euro kostte.
Vooral bij particuliere investeerders nam het aantal woningen af. Vergeleken met 2023 hebben zij nu ongeveer 34.500 woningen minder. Dat is ongeveer een tiende van hun bezit van twee jaar geleden. Bij bedrijfsmatige investeerders, die ook nieuwbouw toevoegen, nam het bezit tegelijkertijd wel met 26.300 toe.
Ook het aantal particulieren dat investeert werd kleiner. In 2023 waren het er 67.800. Aan het eind van het derde kwartaal van dit jaar waren het er 61.300.
Aan het eind van het 3e kwartaal van 2025 was het aandeel woningen in bezit van particuliere investeerders het kleinst in Duiven (0,4 procent) en het grootst in Vaals (11,9 procent).