Toen zijn moeder was gestorven maakte Hans van Manen het mooist denkbare afscheidsballet voor haar: het duet Two (1990) op het stuk Des Mannes Wiegenlied am Sarge seiner Mutter van Busoni. Het besluit met de wuivende hand van de ballerina: de stervende neemt afscheid en verdwijnt voor altijd.
Nu neemt Hans van Manen zelf afscheid. Hij is overleden, meldde het Nationale Opera & Ballet woensdagavond. Hij werd 93 jaar. Hij is zonder overdrijving de grootste choreograaf van zijn generatie. Muzikaal tot in zijn merg, in de jaren vijftig door ‘cultuurpaus’ Benno Premsela opgevoed tot cultuurdrager en tot zelfbewuste homoseksueel. Iemand die altijd koos voor dansers met een sterke persoonlijkheid, want zijn choreografieën zijn ook altijd psychologische krachtmetingen, en dat moet de danser aankunnen. Zijn muzen moesten tegen hem op kunnen – wat hij onbarmhartig kon uittesten.
Hans Artur Gerhard van Manen werd in 1932 geboren in Nieuwer-Amstel. Hij groeide op in Amsterdam, om de hoek van de Stadsschouwburg. Doordat hij door de ramen dansers aan het werk zag, wist hij: dat wil ik ook. Maar hoe? Zijn moeder regelde bij de toneelkapper voor haar 13-jarige zoon een baantje als manusje-van-alles. Daar lag de weg naar de dans open voor de enthousiaste jongen, die thuis bij de radio letterlijk tussen de schuifdeuren zijn talent had ontwikkeld. De danser Jaap Flier, tijdgenoot, herinnert zich (in de film Jaap Flier van Jellie Dekker) hoe hij de jonge Van Manen voor zichzelf pirouettes zag draaien – duidelijk omdat hij dat zo lekker vond.
In 1951 werd hij door de legendarische Sonia Gaskell tot danser getraind bij haar Ballet Recital. Dat verruilde hij in 1952 voor het Nederlandse Opera Ballet. Hij was een goede, maar, zoals hij zelf altijd zei, „geen beeldschone danser”. Eind jaren vijftig werkte hij in Parijs bij Roland Petit. Toen had hij zijn eerste ballet al gemaakt: Ole, Ole, la Margarita (1955), op muziek van Polo de Haas, voor de Revue Ramses Shaffy.

Repetities van een voorstelling van Hans van Manen bij het Nationaal Ballet in 2005.
Foto Leo van Velzen
Zoom in
Van Manen maakte showballetten voor de televisie en zijn liefde voor de Hollywood-dansfilms van Gene Kelly en Fred Astaire stak hij nooit onder stoelen of banken. De combinatie van klassiek-academisch en hedendaags, van streng en show, zou de essentie worden van zijn stijl als choreograaf. Zogenaamd simpel van beweging, in feite steels geraffineerd. Serieus, tot hij ineens iets invoegde wat volslagen buiten de orde viel – en wie Van Manen persoonlijk kende, hoorde dan in zijn hoofd diens aanstekelijke schaterlach.
Die unieke stijl blijft bewaard in ruim 120 choreografieën, die Van Manen zo ongeveer alle onderscheidingen opleverden die er te vergeven waren – en hij verdiende ze allemaal.
Belang van subsidie
In 1959 brak hij, bij het Nederlands Dans Theater, als choreograaf door, met het duet De Maan in de Trapeze, op muziek van Benjamin Britten. Niet dat het nu ogenblikkelijk storm liep, het zou nog jaren duren voor een groot publiek Van Manen had gevonden. Hij heeft dan ook altijd het belang van subsidie voor de kunsten benadrukt. Zonder zou zelfs hij er niet gekomen zijn, hij werd niet moe dat uit te dragen. Ja, de zalen waren soms angstig leeg. Maar zei hij: „Ik doe het voor wie er zit. De anderen hebben pech gehad.” Vanaf de jaren zeventig stroomden de zalen vol, bij Het Nationale Ballet, bij het Nederlands Dans Theater.
Met het genie van Van Manen valt de carrière samen van een aantal grootse Nederlandse dansers. Zoals Alexandra Radius en Han Ebbelaar, die bijvoorbeeld schitterden in zijn Adagio Hammerklavier (1973, muziek Beethoven). Later danste Radius het met dat volgende toptalent, Clint Farha.
Hans van Manen was een geniaal enfant terrible, hij hield ervan iets tegendraads op het podium te zetten. De voetbalsprong. Dansen op klompen. Dansen in een race met de klok. Mannen in lange rokken. Mannen die een duet dansten. Danseressen op hooggehakte pumps. Alle elementen van tijd, beweging en personality waren aanleiding om bestudeerd te worden, in de verwachting van een choreografie – die altijd kort was. Een avondvullend ballet, daar zag Van Manen niets in: „Dan maak ik er liever drie.”
Op zijn misschien wel spectaculairste vernieuwing baseerde hij Live (1979, op muziek van Franz Liszt). Van Manen was al in een vroeg stadium geïnteresseerd in videotechniek. Toen nog niemand dat deed, liet hij al zijn werk op videotape registreren door zijn partner, Henk van Dijk. Maar hij zag ook andere mogelijkheden. In Live bombardeerde hij tot verbazing van het publiek de videocamera tot personage. De danseres danst, de camera (ter plekke gehanteerd door Van Dijk) gaat een duel met haar aan. Beelden van haar handen, voeten, rug, gezicht, verschijnen op een enorm scherm. Het werd Van Manens beroemdste stuk en zijn grootste hit.

Hans van Manen met partner Henk van Dijk op de rode loper voorafgaand aan de première van de musical Billy Elliot in het Circustheater.
Foto Jan Daniels/ANP
Zoom in
„Dans drukt dans uit en verder niets.” Met die woorden aanvaardde Van Manen in 1988 het bijzonder hoogleraarschap aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Dit saluut aan zijn grote voorbeeld George Balanchine leek op een beginselverklaring. Maar hij kon het niet menen. Daarvoor zijn zijn balletten te emotioneel en hechtte hij te veel belang aan wat erin gebeurt. Niet voor niets definieerde hij bijvoorbeeld nadrukkelijk de blikrichting van zijn dansers. Zo bevat 5 Tango’s (1977, muziek van Astor Piazzolla) een solo van een jongen met consequent neergeslagen blik. Van Manen vertelde dat hij op de Amerikaanse tv een versie zag waarbij de danser pront in de lens keek en hoe hij tegen het scherm smaalde: „Wat heb jíj dat verkeerd begrepen, zeg.”
Lees ook een interview met de biograaf van Hans van Manen
‘Bij Van Manen, dé choreograaf van Nederland, is geen ruimte voor medelijden’

Van Manens grote onderwerpen zijn emancipatie, erotiek, de strijd tussen de seksen. Die strijd leidde tot een van zijn mooiste pas de deux: Sarcasmen (1981, muziek van Prokofjev). Overal ter wereld uitgevoerd, maar gemaakt op lijf en uitstraling van Rachel Beaujean en Clint Farha van Het Nationale Ballet – levende legendes omdat zij volledig aan Van Manen en aan elkaar gewaagd waren.
In Sarcasmen zien we een man en een vrouw elkaar uitdagen: anything you can do I can do better. Hij is hyperactief, zij steeds ijziger. Tot zijn aanstellerij haar te gortig wordt. De vrouw heft haar arm. Laat haar hand zakken. En grijpt de man bij zijn ballen.
Geef cadeau
Deel
Mail de redactie
NIEUW: Geef dit artikel cadeau
Als NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.
De journalistieke principes van NRC