De regionale verkiezingen van gisteren waren in de regio Extremadura, in het westen van Spanje, grenzend aan Portugal. Al vijftig jaar stemt die regio in meerderheid links. De socialistische partij PSOE regeerde er de afgelopen halve eeuw meestal met absolute meerderheid. Maar dat is voorbij, de PSOE krijgt nog maar een kwart van de stemmen. 

De opkomst bij de stembussen gisteren was historisch laag: 62 procent. Ook dat lijkt een signaal dat de Spanjaarden hun buik vol hebben van de schandalen.

Vrouw en broer voor de rechter

Tegen de vrouw van Sánchez, Begoña Gómez, loopt een rechtszaak over misbruik van haar positie als first lady. Zo regelde Gómez staatssteun voor bedrijven die klant werden van een door haar geleide masteropleiding, zo luidt de beschuldiging.

De broer van de premier, David Sánchez, wordt ook vervolgd. Hij is muzikant en kreeg kort nadat Pedro Sánchez premier werd ineens een duurbetaalde baan als hoogste baas van een cultuurinstelling. Volgens Justitie werd die baan speciaal voor hem gecreëerd. Bovendien betaalt David Sánchez in Spanje geen belasting. Hij liet zich als inwoner van Portugal registreren, wat hem jaarlijks 80.000 euro belastingvoordeel oplevert.

Er kwamen de afgelopen maanden nog veel grotere corruptiezaken aan het licht. In elk daarvan duiken namen op van mensen die dagelijks in de omgeving van Pedro Sánchez zijn. Sinds drie weken zit de voormalige minister van Verkeer, Jose Luis Abalos, in voorarrest. Hij was vijftien jaar lang de belangrijkste adviseur van Sánchez. Tegen hem is 24 jaar cel geëist, omdat hij zichzelf verrijkt zou hebben tijdens de coronacrisis. Abalos was volgens Justitie betrokken bij een schandaal rond de aankoop van mondkapjes en zou er miljoenen mee hebben verdiend. 

Bijna dagelijks een nieuw schandaal

Nog groter is een corruptiezaak waarvan de spin doctor van de premier, Santos Cerdan, de leider zou zijn geweest. Ook Cerdan hoort al vijftien jaar bij het kleine groepje naaste vertrouwelingen van Sánchez. Hij bedacht verkiezingscampagnes en manieren om impopulaire plannen te verkopen aan de bevolking. Cerdan zou Spaanse bouwbedrijven grote opdrachten hebben gegund, in ruil voor miljoenen euro’s aan steekpenningen.

Het aantal schandalen groeit bijna per dag. De allernieuwste zaak speelt rond een derde topadviseur van Sánchez. Hij zou vrouwen hebben misbruikt, die voor hem werkten op het partijkantoor van de socialisten.

Veel kiezers die genoeg hebben van de schandalen, stapten gisteren over naar de extreemrechtse partij Vox. Die kreeg 18 procent van de stemmen, het beste verkiezingsresultaat sinds hun oprichting in 2013. Vox presenteert zich als anti-corruptiepartij en verzet zich sterk tegen Sánchez’ beleid om veel Latijns-Amerikaanse migranten toe te laten tot Spanje. De extreemrechtse partij wil 8 miljoen niet-Spanjaarden het land uitzetten. 

De conservatieve Partido Popular (PP) is na deze regionale verkiezingen de grootste partij in Extremadura, maar om te besturen moet de PP bijna zeker met Vox samenwerken. Premier Sánchez feliciteerde de PP met de winst aan het einde van de avond via zijn X-account, maar schreef geen woord over het verlies voor zijn eigen partij. Maandagochtend vroeg zal Sánchez voor tv camera’s ‘een statement’ geven, zo maakte een regeringswoordvoerder kort voor middernacht bekend.

Bodem vol lithium

Het bestuur dat na de verkiezingen in Extremadura aantreedt, moet grote besluiten nemen over het openen van mijnen. Begin dit jaar bleek dat de bodem van de regio vol zit met lithium, nikkel en koper, aardmetalen die nodig zijn voor onder meer het maken van accu’s voor elektrische auto’s.

De Europese Commissie voert zware druk uit om zo snel mogelijk mijnen in Extremadura te openen. Met wat in de regio in de bodem zit, kan de Europese industrie jaren vooruit en hoeft de EU veel minder te importeren uit landen als China.