{"id":157482,"date":"2026-03-10T19:17:10","date_gmt":"2026-03-10T19:17:10","guid":{"rendered":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/157482\/"},"modified":"2026-03-10T19:17:10","modified_gmt":"2026-03-10T19:17:10","slug":"onacceptabel-maar-was-ook-andere-tijd","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/157482\/","title":{"rendered":"&#8216;Onacceptabel, maar was ook andere tijd&#8217;"},"content":{"rendered":"<p>De excessen met donorzaad buitelen al een paar jaar over elkaar heen. De vruchtbaarheidsartsen Jan <a href=\"https:\/\/www.rtl.nl\/nieuws\/binnenland\/artikel\/4608191\/donorkinderen-mogen-dna-van-spermadokter-jan-karbaat-gebruiken\" target=\"_blank\" rel=\"nofollow noopener\">Karbaat<\/a> (Medische Centrum Bijdorp in Barendrecht, ruim 100 kinderen), Jan Wildschut (Sophia Ziekenhuis, zeker 47 kinderen) en Jos Beek (Elisabeth Ziekenhuis in Leiderdorp, ten minste 41 kinderen) zijn de bekendste voorbeelden.<\/p>\n<p> Erfelijke ziekte <\/p>\n<p>Daar kwam onlangs de naam van de Arnhemse arts Alex Schmoutziguer bij. Hij is de biologische vader van ten minste zestien kinderen, geboren bij mensen die bij hem onder behandeling waren. Opvallend aan deze zaak: deze arts, die op 85-jarige leeftijd nog in leven is, blijkt drager te zijn van een erfelijke ziekte. Rijnstate roept mogelijke donorkinderen en hun ouders <a href=\"https:\/\/www.rijnstate.nl\/oproep\" target=\"_blank\" rel=\"nofollow noopener\">op zich te melden<\/a>, als ze pati\u00ebnt zijn geweest bij de arts. &#8220;We vermoeden dat er meer donorkinderen zijn&#8221;, schrijft het ziekenhuis.<\/p>\n<p>Rijnstate heeft intussen <a href=\"https:\/\/www.rijnstate.nl\/media\/3770185\/het-incident-voorbij-eindrapport-commissie-kremer-over-kid-rijnstate.pdf\" target=\"_blank\" rel=\"nofollow noopener\">een onderzoek laten uitvoeren<\/a> naar kunstmatige inseminatie met donorzaad in het ziekenhuis. Hoogleraar Jan Kremer van het Radboudumc in Nijmegen voerde het uit.<\/p>\n<p>Tegen RTL Nieuws zegt Kremer desgevraagd dat de omstandigheden van die tijd een belangrijke rol speelden bij excessen met donorzaad door vruchtbaarheidsartsen. Hij zegt dat hij weg wil blijven van de &#8216;afrekencultuur&#8217;. &#8220;Het is natuurlijk onacceptabel wat deze arts gedaan heeft, \u00f3\u00f3k in de context van de jaren 70 en 80. Daarover geen twijfel. Maar ik wil er tegelijk voor pleiten om oog te hebben voor de context van toen.&#8221;<\/p>\n<p>In die context ontbrak het aan regelgeving of richtlijnen, zegt hij. Wat ook meespeelt: de techniek van toen is totaal niet te vergelijken met die van vandaag. Aan invriezen werd in de jaren 70 niet gedaan. Zaad moest vers zijn, liefst ter plekke geproduceerd worden, en was om die reden niet altijd beschikbaar. Toezicht was er niet of nauwelijks en als klap op de vuurpijl had nog nooit iemand van DNA gehoord. En, last but not least: anoniem doneren was de norm. Niemand zou erachter komen. De arts vertelde de ouders niets over zijn eigen bijdrage.<\/p>\n<p>In de praktijk, zegt Kremer, sprong dokter Schmoutziguer in wanneer een bestelde spermadonor niet kwam opdagen. Vermoedelijk vanuit de oprechte wens de moeders en stellen te willen helpen.<\/p>\n<p> &#8216;Arts heeft hand uitgestoken&#8217; <\/p>\n<p>Kremer vraagt, kortom, om meer begrip voor de betreffende arts. &#8220;Deze arts werkt mee aan het onderzoek en heeft DNA afgestaan om verder onderzoek mogelijk te maken. Hij heeft een hand uitgestoken&#8221;, zegt Kremer.<\/p>\n<p>Een te snelle, te rigide veroordeling vanuit de maatschappij kan bovendien schadelijk zijn voor de kinderen die met het zaad verwekt zijn: zij kunnen daardoor het gevoel krijgen dat ze eigenlijk ongewenst zijn. Het stigmatiseert ook de ouders, wanneer die er achteraf op worden aangekeken dat ze kozen voor anonieme donatie, terwijl ze dat vaak deden in een tijdgeest waarin dat volkomen normaal en geaccepteerd was.<\/p>\n<p>Kremer roept donoren uit de jaren 70 en 80 wel op hun DNA beschikbaar te stellen, zodat kinderen die het willen, eventueel te weten kunnen komen wie hun biologische vader is. &#8220;Dat is voor veel mensen belangrijk. Niet alleen om een vader te kennen, maar ook broers of zussen.&#8221;<\/p>\n<p>Anonieme donatie is in Nederland niet meer toegestaan sinds 2004, toen duidelijk was geworden dat anonimiteit van de donoren niet in het belang van kinderen was. Veel donorkinderen krijgen er behoefte aan meer te weten over hun biologische ouders.<\/p>\n<p>Ik geloof best dat hij mensen heeft willen helpen.<\/p>\n<p>Ties van der Meer, voorzitter van Stichting Donorkind, zegt eveneens dat &#8216;het niet om een afrekening met de arts&#8217; gaat. &#8220;Ik geloof best dat hij mensen heeft willen helpen.&#8221;<\/p>\n<p> Fouten van toen rechtzetten <\/p>\n<p>Toch zijn er, vindt hij, ernstige fouten gemaakt. De kwalijkste: er werd in die jaren veel te sterk medisch-technisch gedacht. Hij legt het uit: &#8220;Ze dachten: als er een kind van komt, is het klaar, dan is de procedure een succes. Dat kun je in de tijdgeest van toen wel begrijpen, maar dat ontslaat ons nu niet van de verantwoordelijkheid die fouten te helpen rechtzetten.&#8221;<\/p>\n<p>Dat betekent volgens hem dat de overheid, vruchtbaarheidsklinieken en gynaecologen hun best moeten doen donorkinderen en hun ouders waar mogelijk te helpen bij problemen die ze tegenkomen. &#8220;Bijvoorbeeld met geestelijke begeleiding, als je moeite hebt met dingen. Of medische behandelingen als je biologische vader je een erfelijke ziekte heeft doorgegeven. Nu moeten ze dat zelf betalen. Ik roep op verantwoordelijkheid te nemen voor het slechte beleid van die jaren, en daar nu bij te helpen. Luister goed naar wat ze nodig hebben, en faciliteer dat.&#8221;<\/p>\n<p>Joey is een van de donorkinderen van de inmiddels overleden gynaecoloog en spermadokter Karbaat. Hij vertelt zijn verhaal in deze video:<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"De excessen met donorzaad buitelen al een paar jaar over elkaar heen. De vruchtbaarheidsartsen Jan Karbaat (Medische Centrum&hellip;\n","protected":false},"author":2,"featured_media":157483,"comment_status":"","ping_status":"","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":"","_share_on_mastodon":"0"},"categories":[5],"tags":[61,39,40,48,43,44,34,35,19241,41,42,46,47,49,45,32,33,50,19582,36,37,38,6293],"class_list":["post-157482","post","type-post","status-publish","format-standard","has-post-thumbnail","category-hoofdpunten","tag-arnhem","tag-breaking-news","tag-breakingnews","tag-dutch","tag-featured-news","tag-featurednews","tag-headlines","tag-hoofdpunten","tag-ivf","tag-latest-news","tag-latestnews","tag-nederland","tag-nederlanden","tag-nederlands","tag-netherlands","tag-news","tag-nieuws","tag-nl","tag-sperma","tag-top-stories","tag-topstories","tag-voorpaginanieuws","tag-vruchtbaarheid"],"share_on_mastodon":{"url":"https:\/\/pubeurope.com\/@nl\/116206491934429326","error":""},"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/157482","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/users\/2"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=157482"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/157482\/revisions"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/media\/157483"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=157482"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=157482"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=157482"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}