{"id":17848,"date":"2025-10-09T08:03:20","date_gmt":"2025-10-09T08:03:20","guid":{"rendered":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/17848\/"},"modified":"2025-10-09T08:03:20","modified_gmt":"2025-10-09T08:03:20","slug":"neurodesign-is-het-bauhaus-van-de-21ste-eeuw","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/17848\/","title":{"rendered":"\u2018Neurodesign is het Bauhaus van de 21ste eeuw\u2019"},"content":{"rendered":"<p>Alissa van Asseldonk laat haar hand langs een plaat met spiegelende vierkantjes gaan. Door haar beweging beginnen de spiegeltjes te dansen, als een rimpeling die op een glad wateroppervlak ontstaat. Dangling Mirror, heeft ze het ontwerp genoemd. \u201eMensen denken soms dat er een sensor in zit die op beweging reageert\u201d,  zegt ze. \u201eMaar het principe is veel simpeler: de dunne plaatjes zijn zo licht dat ze meebewegen met de luchtstroom.\u201d<\/p>\n<p>Ze loopt verder langs de muur van haar atelier en wijst een wit stoffen paneel aan: een zonweringsinstallatie die ze ontwierp voor het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Het scherm reageert op de intensiteit van de zon en moet zorgen voor een zachte, prettige lichtinval. In de stof zijn langwerpige inkepingen gemaakt, die Van Asseldonk pop-up-patronen noemt en die naar buiten kunnen worden geduwd of  platgevouwen door een elektronisch systeem. Zo laat het scherm, dat voor het raam hangt, meer of minder licht door. Op een tafel liggen stukken van wandbekleding Mirabilia, met stoffen lusjes die zorgen voor een spel van licht en schaduw. Van Asseldonk vormt samen met Nienke Bongers sinds 2014 het designduo A+N. Vanuit hun atelier in Eindhoven werken ze aan \u201ematerialen en ontwerpen die bijdragen aan het welzijn van de mens\u201d, zoals Van Asseldonk het omschrijft. Hun werk hangt in ziekenhuizen, scholen, modewinkels en hotels.<\/p>\n<p>Tijdens de Salone del Mobile, de jaarlijkse designbeurs in Milaan, presenteerden ze dit voorjaar Breathing Light, een lichtobject dat ze ontwikkelden met psycholoog Renske Bongers \u2013 de zus van Nienke \u2013 en lichttechnicus Tom Bergman. <\/p>\n<p>Net als veel van A+N\u2019s werken is de lamp gebaseerd op de aandacht-restauratietheorie uit 1989 van psychologen Stephen en Rachel Kaplan, die stelt dat natuurlijke omgevingen ons helpen ontspannen. \u201eTijd doorbrengen in de natuur helpt om mentale vermoeidheid te herstellen\u201d,  zegt Renske Bongers. \u201eDat komt door wat we zachte fascinatie noemen: prikkels die boeiend genoeg zijn om de aandacht vast te houden, maar niet te veel concentratie vereisen, waardoor de hersenen kunnen uitrusten. Denk aan de wind die door de bladeren ritselt, de zon die op het water valt, of voorbijtrekkende wolken en patronen van licht en schaduw.\u201d <\/p>\n<p><img alt=\"\" data-lightbox-highres=\"https:\/\/images.nrc.nl\/O1EEnpiIRmBE85Zdr462dbBgu2g=\/1920x\/filters:no_upscale()\/s3\/static.nrc.nl\/wp-content\/uploads\/2025\/09\/29150708\/data137449411-25cf51.jpg\" data-lightbox-highres-webp=\"https:\/\/images.nrc.nl\/hFu4Zk-XAbqoFip8nRUN8VYkIjw=\/1920x\/filters:no_upscale():format(webp)\/s3\/static.nrc.nl\/wp-content\/uploads\/2025\/09\/29150708\/data137449411-25cf51.jpg\" data-lightbox-zoom=\"https:\/\/images.nrc.nl\/O1EEnpiIRmBE85Zdr462dbBgu2g=\/1920x\/filters:no_upscale()\/s3\/static.nrc.nl\/wp-content\/uploads\/2025\/09\/29150708\/data137449411-25cf51.jpg\" data-lightbox-zoom-webp=\"https:\/\/images.nrc.nl\/hFu4Zk-XAbqoFip8nRUN8VYkIjw=\/1920x\/filters:no_upscale():format(webp)\/s3\/static.nrc.nl\/wp-content\/uploads\/2025\/09\/29150708\/data137449411-25cf51.jpg\" data-open-in-lightbox=\"true\" decoding=\"async\" height=\"7647\" loading=\"lazy\" src=\"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-content\/uploads\/2025\/10\/data137449411-25cf51.jpg\"  width=\"5464\"\/><\/p>\n<p class=\"caption\" id=\"figcaption-1\">Glazen wandobject Transparacy &amp; Fluidity (2025) van A+N Studio<\/p>\n<p>Foto Lin Woldendorp<\/p>\n<p>Zoom in<\/p>\n<p>Op de cirkelvormige Breathing Light zitten lichtvlekken die langzaam oplichten en weer uitdoven. Mee-ademen met de vlekken helpt om rustiger te worden; de lampen zijn geprogrammeerd op ademhalingsritmes waarvan is bewezen dat ze leiden tot een ontspannen gevoel. De lamp hangt nu in het Van Abbemuseum in Eindhoven, als onderdeel van de tentoonstelling Bridging Minds, over designers die maatschappelijke vraagstukken aanpakken.<\/p>\n<p>Zintuiglijk curator<\/p>\n<p>Meer en meer designers zijn niet alleen ge\u00efnteresseerd in vorm en functie, maar ook in het mentale welzijn van de gebruiker. Neurodesign is de naam die deze stroming heeft gekregen: ruimtes, meubels en voorwerpen die bedoeld zijn om een prettige gemoedstoestand teweeg te brengen. \u201eIk noem mezelf zintuiglijk curator\u201d,  zegt Justine Kontou, die ruimtes en installaties ontwerpt die \u201ebijdragen aan mindfulness en stressvermindering\u201d.  \u201eTien jaar geleden kreeg ik daar nog verbaasde reacties op, maar sinds corona zijn mensen zich bewuster van het feit dat de omgeving invloed heeft op hoe ze zich voelen.\u201d  Bij het ministerie van Financi\u00ebn richtte ze in 2019 een ontspanningsruimte in, met onder andere natuurfotografie van Iris Hartman, een videokunstwerk met een berglandschap en langzaam voorbijtrekkende wolken van Noortje Haegens en behang van Studio A+N. \u201eAchteraf hoorde ik van medewerkers dat ze in eerste instantie sceptisch waren, maar snel omsloegen\u201d,  zegt Kontou. \u201eNa een pauze van een paar minuten in deze ruimte voelden ze zich al rustiger.\u201d <\/p>\n<p>Tijdens de jaarlijkse Graduation Show van de Design Academy Eindhoven laat Denise Huigen eind deze maand haar Knuff zien: een minimalistisch vormgegeven knuffel voor volwassenen, bedoeld \u201eom het zenuwstelsel te kalmeren\u201d. Vorig jaar studeerde Jade Fritsch af met Treatment for a Re-Connection: een verwarmde stoel gemaakt van klei, vezels en zand, die dankzij slim materiaalgebruik lang warm blijft en zo een gevoel van geborgenheid moet geven.<\/p>\n<p>Hoogpolig pluchelandschap  <\/p>\n<p>Het is niet de eerste keer dat geruststellende ontwerpen in de mode zijn. In 1966 was Eero Aarnio\u2019s Ball Chair de hit van de Internationale Meubelbeurs in Keulen. De met kussens beklede, coconvormige plastic stoel \u2013 die nog altijd te koop is \u2013 is als een kamer in een kamer; iemand die in de stoel zit, wordt omringd door de bol en is zo ge\u00efsoleerd van de buitenwereld. In 1968 kwam het Italiaanse designcollectief Superstudio met bank Bazaar: een beroemd geworden, afsluitbaar zitmeubel voor meerdere personen met pluizige bekleding, eveneens in een coconvorm. Bij de laatste editie van de Salone del Mobile leek designgalerie Nilufar terug te grijpen op de Bazaar: de vloeren en wanden waren bekleed met roze kunstbont. Ook de Spaanse designer-architect Patricia Urquiola bracht een ode aan de jaren zestig. Op haar presentatie stond  de Safari van Archizoom Associati uit 1968. De bank is vormgegeven als een soort zitkuil in de vorm van een reeks golven, toegankelijk via \u00e9\u00e9n opening en bekleed met zacht, donkerpaars pluche. Urquiola had ook een indoor-tuin, met akoestische wandpanelen van natuurlijke vezels en echte bloemblaadjes van Slalom, een Italiaans designbedrijf dat is gespecialiseerd in akoestiek. <\/p>\n<p>Topstuk van de presentatie was de door haarzelf voor designlabel Moroso ontworpen bank Gruuvelot. Die bestaat uit organische volumes die kriskras door elkaar heen lopen en elkaar overlappen. Je kunt er op verschillende manieren op zitten, behalve rechtop, waardoor je min of meer gedwongen wordt te ontspannen. <\/p>\n<p>Vorm volgt functie<\/p>\n<p>\u201eAls architect krijg je het modernistische principe van \u2018vorm volgt functie\u2019 met de paplepel ingegoten \u2013 en terecht: als iets niet functioneel is, waarom zou je er dan energie aan verspillen? Maar nog belangrijker is hoe een ruimte je laat voelen\u201d,  zegt architect Suchi Reddy vanuit New York via een videoverbinding.<\/p>\n<p>Haar eigen studio, Reddymade Architecture and Design, ontwerpt sinds 2002 interieurs voor woningen en winkels, kunstinstallaties, meubels en publieke ruimtes over de hele wereld. Haar ouderlijk huis in Chennai, India \u2013 dat voor de familie werd ontworpen \u2013 is een grote inspiratiebron voor haar. Haar moeder richtte het in met een mix van invloeden uit India en het Westen. \u201eHet licht, het hout, de verbinding met buiten: ik voelde me erg verbonden met het huis\u201d,  zegt Reddy. \u201eIk realiseerde me al vroeg dat het niet vanzelfsprekend was dat mijn omgeving zo\u2019n positief effect op me had. Onze omgeving be\u00efnvloedt dagelijks hoe we ons voelen, dus als we betere ruimtes kunnen ontwerpen is de impact enorm. Ik denk dat neurodesign de Bauhaus-beweging van de 21ste eeuw is.\u201d<\/p>\n<blockquote class=\"dmt-quote\" data-styled=\"false\">\n<p>Onze omgeving be\u00efnvloedt dagelijks hoe we ons voelen, dus als we betere ruimtes kunnen ontwerpen is de impact enorm<\/p>\n<\/blockquote>\n<p>Reddy ontwierp het interieur van de eerste Google-winkel in New York, die in 2021 opende. Ze maakte gebruik van tactiele oppervlakken zoals hout en kurk, warme verlichting en neutrale tinten. In de winkel staan poefjes, krukjes, een bank met kussens en ronde toonbanken. Er is een hoge, half afgesloten, futuristisch aandoende glazen cocon waarin Google-producten kunnen worden uitgeprobeerd. Door de hele winkel heen kringelt een zwarte metalen draad, alsof iemand een driedimensionale lijntekening heeft gemaakt.<\/p>\n<p>\u201eHet belangrijkste doel van mijn werk is het oproepen van een gevoel van verwondering\u201d, zegt ze. \u201eWat je je welkom doet voelen in een ruimte, is persoonlijk en afhankelijk van je culturele achtergrond \u2013 dat weet ik maar al te goed als Indiase immigrant in de VS \u2013 maar verwondering maakt ons  gelijk.\u201d<\/p>\n<p>De aandacht-restauratie-theorie is niet de enige wetenschappelijke theorie die wordt gebruikt binnen het neurodesign. De rondingen, vloeiende lijnen en zachte kleuren die veel ontwerpen kenmerken, vinden vaak hun oorsprong in de biofilie: het idee dat de natuur essentieel is voor ons fysieke en mentale welzijn. De term werd in de jaren zestig ge\u00efntroduceerd door psychoanalyticus Erich Fromm. De Amerikaanse hoogleraar sociale ecologie Stephen Kellert  ontwikkelde vanaf 2005 richtlijnen voor hoe gebouwen en ruimtes het beste kunnen aansluiten bij onze aangeboren hang naar de natuur. Volgens zijn ontwerpprincipes kan dat bijvoorbeeld door het plaatsen van planten, afbeeldingen van de natuur en het gebruik van natuurlijke materialen en kleuren, organische vormen en natuurlijk licht. <\/p>\n<p>In 1999 introduceerde de neurobioloog Semir Zeki de term neuro-esthetiek, toen hij onderzoek deed naar hoe de hersenen van proefpersonen reageren op schilderkunst en muziek. Zeki ontdekte dat de mediale orbifrontale cortex \u2013 een deel van de hersenen dat een belangrijke rol speelt bij emoties \u2013 altijd oplicht wanneer we iets waarnemen wat we mooi vinden, of dat nu visueel, muzikaal of zelfs wiskundig is. <\/p>\n<p>Ook zijn inzichten sijpelen steeds vaker door in design. Het Deense meubelmerk Muuto richt zich bij het ontwerpen van ruimtes en objecten op vijf basisprincipes uit de neuro-esthetiek: kleur, vorm, tactiliteit, licht en natuur. Vloeiende en ronde vormen zijn volgens de neuro-esthetiek uitnodigend en comfortabel. Die principes past Muuto onder meer toe in de eetkamerstoel Fiber (2014) en het vloerkleed Relevo (2023).<\/p>\n<p>In 2019 maakte Muuto met Google, Suchi Reddy en de Johns Hopkins University  de presentatie A Space for Being op de Salone del Mobile \u2013 een van de eerste projecten die neurodesign op de kaart zette. Bezoekers liepen door drie verschillende ruimtes met een polsbandje dat hun hartslag, ademhaling en lichaamstemperatuur mat. Na afloop kreeg iedereen een rapport dat liet zien in welke kamer ze zich het meest op hun gemak hadden gevoeld. Die installatie vormde de basis voor het interieur van de Google-winkel in New York. <\/p>\n<p>Ongefilterde reacties<\/p>\n<p>\u201eNeuro-esthetiek helpt  te ontwerpen op basis van wat bewezen werkt, in plaats van wat we d\u00e9nken dat werkt\u201d,  zegt Dea Luma, die promoveerde in neuroarchitectuur aan de Universiteit van Tokio, waar ze nu assistent-hoogleraar is. Haar ontwerpbureau, Synth\u00e8se Design Lab, combineert architectonisch design met neurowetenschappelijk onderzoek. \u201eDankzij moderne neurofysiologische meetinstrumenten, die activiteit in de hersenen en het zenuwstelsel registreren, kunnen we in realtime zien hoe mensen reageren op verschillende  omgevingen.\u201d <\/p>\n<p>Een elektro-encefalogram (EEG) is een van die instrumenten: een scan die de elektrische activiteit van de hersenen meet via elektroden die op het hoofd worden geplaatst. Moderne EEG-systemen zijn compact en mobiel, waardoor er  niet langer een laboratorium nodig is. Luma: \u201eEen paar jaar geleden moesten we het nog doen met vragenlijsten, maar dan geven mensen soms sociaal wenselijke antwoorden. Nu kunnen we de ongefilterde reacties meten.\u201d<\/p>\n<blockquote class=\"dmt-quote dmt-quote--type-streamer\" data-styled=\"false\">\n<p>De sales-arena kreeg rode accenten \u2013 rood werkt licht stressverhogend en zou dus de prestaties verbeteren<\/p>\n<\/blockquote>\n<p>Nog v\u00f3\u00f3rdat je een gebouw neerzet of een ruimte inricht, zou je onderzoek moeten doen naar de wensen van de gebruikers, vindt Luma. Uit een van haar onderzoeken blijkt dat architecten anders reageren op een ruimte dan leken. \u201eDat laat zien hoe belangrijk het is je te verplaatsen in de gebruiker.\u201d<\/p>\n<p>Precies dat deden interieurontwerpbureau Hoogerwerf en marketingbureau Neurofactor toen ze drie jaar geleden werden gevraagd het nieuwe kantoor van recruitmentorganisatie Robert Walters op de Amsterdamse Zuidas in te richten. \u201eVoordat we gingen ontwerpen, hebben we gesprekken gevoerd met de medewerkers \u00e9n MRI-scans gemaakt van 24 mensen uit de organisatie\u201d, zegt neurowetenschapper Martijn den Otter van Neurofactor. Zijn team koos voor een MRI omdat zo\u2019n scan diepere hersengebieden bereikt en \u2013 in tegenstelling tot een EEG \u2013 laat zien welke specifieke hersengebieden actief zijn. \u201eWe wilden de ruimtes inrichten op het triggeren van specifieke emoties. In de MRI konden we medewerkers blootstellen aan beelden van interieurstijlen en zien welke de gewenste emotie opriepen.\u201d <\/p>\n<p>Dankzij het onderzoek kreeg de sales-arena hoge krukken en rode accenten \u2013 rood werkt licht stressverhogend en zou daardoor de prestaties verbeteren \u2013 terwijl de bufferzone juist werd ingericht met rustgevend groen, zachte vormen en planten. De werkruimtes werden in 2023 in gebruik genomen. Den Otter: \u201eHet ziekteverzuim is gedaald, de productiviteit is gestegen en mensen komen weer vaker naar kantoor.\u201d<\/p>\n<p>Geef cadeau<\/p>\n<p>Deel<\/p>\n<p>Mail de redactie<\/p>\n<p>\nNIEUW: Geef dit artikel cadeau<br \/>\n\t\t\tAls NRC-abonnee kun je elke maand 10 artikelen cadeau geven aan iemand zonder NRC-abonnement. De ontvanger kan het artikel direct lezen, zonder betaalmuur.\n\t\t<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"Alissa van Asseldonk laat haar hand langs een plaat met spiegelende vierkantjes gaan. Door haar beweging beginnen de&hellip;\n","protected":false},"author":2,"featured_media":17849,"comment_status":"","ping_status":"","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"footnotes":""},"categories":[30],"tags":[99,142,140,141,143,48,98,146,144,145,46,47,49,45,50],"class_list":{"0":"post-17848","1":"post","2":"type-post","3":"status-publish","4":"format-standard","5":"has-post-thumbnail","7":"category-kunst-en-design","8":"tag-amusement","9":"tag-arts","10":"tag-arts-and-design","11":"tag-artsdesign","12":"tag-design","13":"tag-dutch","14":"tag-entertainment","15":"tag-kunst","16":"tag-kunst-en-design","17":"tag-kunstdesign","18":"tag-nederland","19":"tag-nederlanden","20":"tag-nederlands","21":"tag-netherlands","22":"tag-nl"},"share_on_mastodon":{"url":"","error":""},"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/17848","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/users\/2"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=17848"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/17848\/revisions"}],"wp:featuredmedia":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/media\/17849"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=17848"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=17848"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.europesays.com\/nl\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=17848"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}