Drinken is een groepsgebeuren. En een groepsgebeuren, dat moet vooral gezellig zijn. Veel mensen hebben dan ook een ‘sociaal motief’ een drankje te nemen, volgens onderzoek van het Trimbos-instituut. Maar waarom is dat? En waarom duwen we anderen de alcohol soms een beetje door de strot? Gedragswetenschapper Martine Groefsema (Radboud Universiteit) legt het uit.
Alcohol is ongezond, maar we worden er wel blij van
Dat de gevolgen van drinken niet zo gezellig zijn, is al een tijdje bekend. Zelfs één glaasje alcohol is al ongezond, weten onderzoekers tegenwoordig. Helemaal niet drinken is het best. Maar ja, alcohol bezorgt je nu eenmaal een fijn gevoel. Het werkt in op het beloningssysteem in je hersenen, dat zorgt voor blijmakende stoffen, waardoor je je lekker voelt.
Ook interessant: Hoelang blijft alcohol in je bloed?
Waarom drinken we zo graag samen met anderen? Ten eerste voelen we ons meer op ons gemak als we weten dat die ander een slok op heeft, zo bleek al uit een sociaal experiment uit 1974 van de University of Iowa (VS).
Een groepje sociaal angstige mannen werd gevraagd om een paar dames (onderzoeksassistenten, maar dat wisten ze niet) aan te spreken. Dat bleek minder eng toen ze dachten dat de vrouwen gedronken hadden. Die zouden met een slok op vast wel vrolijk reageren, was het idee. Kortom, je denkt dat anderen er aardiger van worden. En zelf gedraag je je socialer.
Zelfs zónder druk drinken we mee
Als je een ander iets te drinken aanbiedt, dan is de kans groot dat hij of zij gezellig meedoet. De reden? Imitatiegedrag. Dat ontdekten onderzoeker Martine Groefsema en haar collega’s van de Radboud Universiteit in Nijmegen in 2019 tijdens een studie naar sociaal gedrag en alcoholgebruik.
‘We wilden eigenlijk weten of de reactie in de hersenen op plaatjes van alcohol zich vertaalde in daadwerkelijk meer drinken.’ Dat bleek niet het geval. Maar Groefsema vond wel iets anders: het imitatie-effect. Het onderzoek in het kort: een ‘deelnemer’, in werkelijkheid een acteur, hief tijdens het onderzoek het glas met een aantal echte proefpersonen. Deze acteur dronk, wisselend per deelnemer, een of drie biertjes. De meeste proefpersonen dronken, vermoedelijk zonder het zelf te merken, evenveel als de acteur.
Groefsema: ‘De acteur pushte de ander niet, maar vroeg: ‘Ik neem een biertje, wat wil jij?’ Kennelijk willen mensen zo graag het gedrag van de ander nadoen, dat ze vaak al zonder dwang het drinkgedrag kopiëren. Dat gaat onbewust.’ De personen in het onderzoek hadden dan ook totaal niet door dat hun gedrag werd beïnvloed door de acteur.
We houden niet van afwijzing
Maar soms gebeurt die beïnvloeding wél bewust. Waarom we mensen proberen over te halen die eigenlijk niet willen drinken, is niet zeker. Maar Groefsema heeft wel een idee: ‘We zijn heel erg gewend om elkaar te imiteren, en verwachten ook dat anderen dat doen.’ Gebeurt dat niet en drinkt de ander niet mee, dan voel jij je een beetje afgewezen.
Drinkt de ander niet mee met jou, dan voel jij je een beetje afgewezen
Voor de alcoholvrije persoon is het daarnaast ongemakkelijk om een biertje af te slaan. Dat komt doordat mensen graag bij een groep horen. Dat vinden we zelfs lekker, illustreerde een onderzoek van de Erasmus Universiteit Rotterdam in 2013. Proefpersonen moesten raden hoeveel stippen ze op een scherm zagen, terwijl hun brein bekeken werd in een fMRI-scanner. Ze kregen ook te horen dat ze ingedeeld waren in een groep: geel, paars of blauw.
Daarna zagen ze welke aantallen stippen hun groepsgenoten hadden geraden. Raadden ze hetzelfde aantal? Dan lichtte bij de meesten het striatum op: dd plek midden in het brein op die ervoor zorgt dat er blijmakende dopaminen vrijkomen, bij een orgasme of lekker eten bijvoorbeeld. Meedoen met de groep geeft kennelijk net zo’n gevoel. En omdat drank op datzelfde systeem werkt, biedt drinken met een groep dubbel pret.
Waarom gaat de een eerder overstag dan de ander?
Daarnaast doet het juist pijn om níet bij een groep te horen. Dat is te zien in het brein, blijkt uit andere studies. Als mensen worden buitengesloten, worden hersengebieden actief die ook bij lichamelijke pijn aanslaan. Begrijpelijk dus dat je meedoet met de groep en dat biertje niet afslaat. Veel te pijnlijk.
Nu gaat de een gemakkelijker overstag dan de ander. Waar ligt dat aan? Verschil in zelfbeheersing is al bij kleine kinderen te zien. Tijdens de ‘marshmallowtest’ uit 1972 van de Amerikaans-Oostenrijkse psycholoog Walter Mishel kregen kleine kinderen een marshmallow voor hun neus. Als ze wachtten met opeten, zouden ze er nog eentje krijgen. Sommige kinderen wachtten braaf, hopend op hun beloning. Anderen propten de lekkernij direct in hun mond. Die laatste groep zal nu vermoedelijk sneller een biertje van je aannemen.
Zelfbeheersing is deels aangeboren. Maar minstens even belangrijk is je omgeving. Heb je van jezelf een sterke wil, maar trokken je ouders elke avond een fles open? Dan is de kans groot dat je toch toehapt als je vrienden eisen dat je met ze meedrinkt, terwijl jij eigenlijk alcoholvrij wil zijn.
De oplossing is vrij simpel
Lastig hoor. Jij wil niet meegaan met de groep, maar je brein toch ook weer wel. Is er een manier om je niet buitengesloten te voelen, en toch fijn de groep te imiteren zonder je goede voornemens te vergooien? Volgens Groefsema is daar een simpele oplossing voor: ‘Uit bijna hetzelfde flesje of glas drinken als je vrienden, maar dan met alcoholvrije drank.’ Een 0.0-biertje of alcoholvrije cocktail dus. Dat maakt het makkelijker om niet mee te doen.
Drinken zit nu eenmaal in onze cultuur. En eigenlijk in de meeste Europese samenlevingen. Volgens cijfers van de Wereldgezondheidsorganisatie (2025) is de Europese drankconsumptie met 9,2 liter per jaar per persoon de hoogste is van alle werelddelen.
Ook interessant: Is xtc echt minder gevaarlijk dan alcohol?
Het idee dat drank gezellig is, dat zal voorlopig niet zomaar verdwijnen. ‘Voor kinderen is er champagne te koop die op een feestje wordt geopend’, aldus Groefsema. Daar is ze niet per se op tegen, het is tenslotte geen alcohol. ‘Maar het laat wel zien hoe we drank verbinden met feestelijkheid en gezelligheid.’ Toch is het pas echt gezellig als iedereen gewoon kan drinken wat hij of zij wil: bier, wijn of iets zonder alcohol.
Schadelijker dan harddrugs (tenminste, voor de maatschappij)
Alcohol is, volgens onderzoek van het RIVM, voor een individu minder schadelijk dan harddrugs. Maar omdat veel meer mensen drinken (meer dan driekwart van de volwassen Nederlanders drinkt soms alcohol, terwijl bijvoorbeeld maar 11 procent ooit xtc heeft gebruikt), leveren dronkaards voor de samenleving vaker schade op dan drugsgebruikers.