Uit een nieuw onderzoek blijkt dat je migraines in kan delen in twee subtypen.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief! Ook elke dag vers het laatste wetenschapsnieuws in je inbox? Of elke week? Schrijf je hier in voor de nieuwsbrief!

Wie migraine heeft weet dat het om veel meer gaat dan alleen het hebben van intense hoofdpijn. Vaak komen daar misselijkheid, overgevoeligheid voor licht en geluid en soms ook problemen met zien bij. Voor veel mensen betekent een aanval dat ze uren of zelfs dagen niets kunnen doen.

Momenteel wordt migraine vooral vastgesteld op basis van wat een patiënt vertelt. Artsen vragen hoe vaak iemand hoofdpijn heeft, hoe lang een aanval duurt en welke klachten daarbij horen. Daarna volgt vaak een zoektocht naar een behandeling die werkt. “Op dit moment is het vaststellen van de beste behandelmethode erg lastig,” zegt neuroloog Robert Cowan van Stanford Medicine. “In veel gevallen is het grotendeels giswerk.”

Leestip: Verergeren pijnstillers je migraine? Dit medicijn kan helpen

Een nieuwe studie, gepubliceerd in Cephalalgia, laat zien dat het stellen van een diagnose mogelijk ook makkelijker kan. Onderzoekers van Stanford Medicine hebben met behulp van hersenscans twee subtypen van migraine gevonden. De indeling van de gevonden subtypen is echter niet hetzelfde als de bekende indeling die nu wordt gebruikt: episodische en chronische migraine. Bij episodische migraine heeft iemand last van minder dan vijftien dagen hoofdpijn per maand. Bij chronische migraine zijn dat er vijftien of meer. Maar volgens de nieuwe resultaten zegt het aantal dagen met hoofdpijn niet zoveel over de ernst van de ziekte.

MRI-scans

De onderzoekers bestudeerden voor het onderzoek 111 mensen met migraine en 51 mensen zonder migraine. Zij gebruikten daarvoor twee soorten MRI-scans. Met een structurele MRI-scan keken ze naar de bouw en de vorm van de hersenen. Daarna keken ze met een functionele MRI-scan (fMRI) naar de activiteit in het brein. Deze techniek laat zien hoe hersengebieden met elkaar samenwerken via veranderingen in de bloedstroom.

Vervolgens lieten de onderzoekers een computer naar patronen zoeken in de verzamelde gegevens. Cowan: “We wilden onszelf niet limiteren tot het beantwoorden van een nauwe onderzoeksvraag. Daarom besloten we om zoveel mogelijk data te verzamelen en naderhand te zoeken naar eventuele patronen.” Uit die analyse kwamen twee duidelijke subtypen naar voren.

De hersenscans van mensen met het eerste subtype leken sterk op de hersenscans van de controlegroep. Zij hadden doorgaans last van minder zware migraineklachten. De hersenscans van mensen met het tweede subtype zagen er echter duidelijk anders uit. Bij mensen met dit subtype bleek de verbinding tussen de hersenschors en dieper gelegen hersengebieden anders te werken. Het ging onder meer om hersengebieden die betrokken zijn bij het zicht en de verwerking van prikkels. Het brein van mensen met het tweede subtype lijkt daardoor sterker te reageren op ‘normale’ prikkels.

Gevaar vermijden

Cowan legt uit dat het hebben van hoofdpijn soms kan helpen om gevaar te vermijden. Echter lijkt het erop dat het brein van mensen met het tweede subtype tijdens een migraineaanval te hard aan de bel trekt. Dat zou ervoor kunnen zorgen dat normale prikkels al snel als pijnlijk worden ervaren.

Mensen met het tweede subtype hadden gemiddeld dan ook meer last van de ziekte. Ze hadden vaak al lang last van migraines en werden er vaker door beperkt in hun dagelijks leven. Daarnaast duurden hun migraineaanvallen ook langer. Opvallend genoeg hadden ze echter niet vaker last van migraineaanvallen dan de mensen met het eerste subtype. Dat betekent dat de huidige indeling tussen chronische en episodische migraine mogelijk dus niet volstaat: iemand kan last hebben van hevige migraineaanvallen en toch minder dan 15 dagen per maand last hebben van hoofdpijn.

Toekomstig onderzoek

Dat kan gevolgen hebben voor hoe migraines wereldwijd worden behandeld. In sommige landen, zoals in de Verenigde Staten, krijgen alleen mensen met chronische migraine toegang tot preventieve medicijnen. Dat zijn middelen die dagelijks worden genomen om aanvallen te voorkomen. Volgens Cowan zouden sommige mensen met episodische migraine daar misschien ook baat bij kunnen hebben, ook al komen ze daar nu dus niet altijd voor in aanmerking. “Misschien kunnen we in de toekomst, op basis van bepaalde klinische kenmerken, wel besluiten om iemand met episodische migraine toch toegang te geven tot een preventieve behandeling,” zegt hij.

Volgens de onderzoekers is er echter nog veel toekomstig onderzoek nodig om op dat punt te komen. Zo is het uitvoeren van fMRI-sans duur en niet overal een optie. Daarom willen ze nu zoeken naar eenvoudigere manieren om dezelfde subtypen te herkennen. Dat kan bijvoorbeeld door te kijken naar specifieke bloedwaarden of aan de hand van duidelijke klinische kenmerken, zoals de duur van de aanvallen of hoeveel bijkomende klachten deze opleveren.

We schreven vaker over dit onderwerp, lees bijvoorbeeld ook Nieuw medicijn kan migraine stoppen, nog voordat de hoofdpijn begint en Mensen die geregeld door migraine worden geveld, hebben een verhoogde kans op een beroerte . Of lees dit artikel: De grote psychische gevolgen van hoofdpijn: zorg dat je er op tijd bij bent .

Uitgelezen? Luister ook eens naar de Scientias Podcast: !